Beleggingstip - Als u rendement wilt en wilt bijdragen aan verduurzaming: investeer in Meewind

10 april 2015 - Het initiatief Winddelen zit niet goed in elkaar en is vooral bla, bla. Een organisatie die wel goed in elkaar lijkt te zitten is Meewind. Die investeert echt in nieuwe windmolens. De organisatie heeft geïnvesteerd in de bouw van een windmolenpark voor de Belgische kust: Belwind en heeft een lening vertrekt aan een consortium dat het nabij gelegen Northwind bouwde. En nu is Meewind geld op aan het halen voor de uitbreiding van Belwind. Het park wordt twee keer zo groot. Voor mensen die willen bijdragen aan verduurzaming van de samenleving is Meewind een aantrekkelijke en redelijk betrouwbare optie.

Paraplu
Meewind moet gezien worden als een investeringsfonds ofwel beleggingsfonds. Particulieren, bedrijven en andere organisaties storten geld, waarmee geïnvesteerd wordt in de bouw van parken. Onder het fonds hangen een aantal andere fondsen, zoals Zeewind. Het fonds Meewind wordt daarom paraplufonds genoemd. In fiscale zin is het een beleggingsinstelling, wat betekent dat het geen vennootschapsbelasting hoeft te betalen.
Het oorspronkelijke fonds Zeewind 1 is nu opgesplitst in twee fondsen: een voor het bestaande park Belwind (Zeewind bestaande parken) en éen voor het nieuwe park in aanbouw (Zeewind nieuwe parken). Daarnaast is er nog een fonds voor lokale duurzame initiatieven, Regionaal duurzaam 1, die liggen op het gebied van warmte-koude opslag, biogasinstallaties en aardwarmte* (een concreet project van tuinders in Vierpolders, Zuid-Holland).

Geen Porsches
Initiatiefnemers zijn vader en zoon Smelik.  Zij zijn eigenaar van het bedrijf Seawind Capital Partners, dat de beheerder is van de fondsen. Zij zijn dus niet de eigenaars van de fondsen: dat zijn de investeerders. De beheerder pleegt de daadwerkelijke investeringen, verzorgt de marketing en dat soort zaken. Daarnaast is er ook een zogenaamde 'bewaarder'. Dat is SGG Depositary B.V. De bewaarder doet de participantenadministratie en is ook eigenaar van de rekeningen. Op die manier kunnen vader en zoon geen greep in de kas doen om Porsches en dergelijke te kopen, wat het vertrouwen van investeerders ten goede komt. Er is ook nog een externe compliance officier, die erop let of alle wet- en regelgeving in acht wordt genomen.

Partners
De heren Smelik hebben laten zien dat ze van wanten weten. Het park Belwind is al in 2010 opgeleverd. Belwind ligt voor de kust van Zeebrugge en bestaat uit 55 molens met een vermogen van 3 MW ieder. (Een molen van 3 MW kan ongeveer 3000 huishoudens van stroom voorzien). Meewind heeft (via het fonds Zeewind) een belang van 20% in Belwind. De andere twee investeerders zijn het Japanse industriële conglomeraat Sumitomo Corporation en het Belgische Parkwind. In dat laatste bedrijf speelt de Belgische supermarktfamilie Colruyt een grote rol. Meewind heeft verder een onderhandse lening verschaft (van zo'n 5 miljoen euro) voor de bouw van een tweede park Northwind, dat in totaal een vermogen heeft van 216 MW. Meewind wilde investeren in het park Gemini, dat ten noorden van Schiermonnikoog wordt gebouwd, maar zag daar toch vanaf.

Willem Smelik

Nobel
En nu wordt er dus een derde park gebouwd, dat Nobelwind gaat heten, ook daar voor de Zeeuwse kust. Dat zal bestaan uit 50 molens met een vermogen van 3,3 MW ieder. Hier wil Meewind weer een belang van 20% in nemen. De totale kosten bedragen naar schatting tussen de 600 en 700 miljoen euro. Hiervan zal een deel gefinancierd worden met leningen (400-500 miljoen) en een deel (200 miljoen) middels eigen vermogen. De deelnemende partijen zijn dezelfde als die van Belwind. Meewind wil weer voor zo'n 20% deelnemen in het eigen vermogen, zodat het streven is om 40 miljoen op te halen. Het fonds heeft begin 2015, bij de splitsing van het fonds Zeewind, zo'n 12 miljoen euro meegekregen, waarvan zo'n 5 miljoen euro al vastgelegd is. Eind van dit jaar zal naar verwachting de financiering voor het park in kannen en kruiken zijn (financial close). Er wordt komende zomer met banken gesproken om vreemd vermogen aan te trekken.

Subsidie
De vergunning is al binnen en de subsidies zijn al toegezegd. Het park zit in de riante positie dat het kan kiezen tussen twee Belgische subsidiestelsels; het oude en het nieuwe. Volgens het oude wordt een vaste subsidie van 107 euro per MWh verstrekt. Daar bovenop komt dan nog de opbrengst van de stroom, die natuurlijk kan variëren. Wel zal er een bepaalde ondergrens zijn afgedekt. Volgens het nieuwe stelsel is er een vaste prijs, inclusief elektriciteitsprijs, net als dat tegenwoordig in Nederland het geval is. Als de elektriciteitsprijs daalt (stijgt), dan stijgt (daalt) het subsidiebedrag. Het laatste systeem geeft meer zekerheid voor investeerders. Aan de andere kant is die 107 euro best wel aantrekkelijk gezien het feit dat windmolens steeds efficiënter worden. In ieder geval is de subsidie vergeven en dat maakt dat er zeker inkomsten zullen zijn. Prettig is daarnaast dat de kabel er al ligt; die is getrokken gelijk met die voor Northwind. Een transformatorstation moet nog wel geplaatst worden. 

Kosten en rendement
Iedereen kan instappen. Het minimumbedrag is 1030 euro. Er wordt 3% aan instapkosten gerekend; dus van 1030 euro wordt 1000 euro geïnvesteerd. Van de instapkomsten worden de marketinguitgaven betaald. De beheerkosten zijn 1,2% per jaar van het investeringsbedrag. Die zijn afgehaald van het dividend- en rendementspercentage zoals dat gecommuniceerd wordt. Vier keer per jaar kunt u de aandelen verkopen, aan het fonds, voor de zogenaamde intrinsieke waarde van de aandelen in het park.
Een verplichting van een fiscaal beleggingsfonds is dat het gehele rendement in de vorm van dividend wordt uitbetaald. Over het jaar 2013 is er 4,4% uitgekeerd. Het ligt in de lijn der verwachtingen dat de uitkering over 2014 iets hoger zal zijn. Daarnaast is er koerswinst, zo zegt Smelik. Het rendement over 2014 was 10,8% (dividend én koerswinst). Hoezo koerswinst? Met een deel van de inkomsten van het park worden leningen afgelost, waarna de waarde van het park en dus de waarde van de aandelen in het park stijgen. Kort gezegd komt het er op neer dat door aflossing van schulden in de toekomst meer dividend uitgekeerd kan worden.

Risico's
De partijen die deelnemen aan Nobelwind zijn alle drie kapitaalkrachtig, dus een risico dat er geen financial close komt is er niet. Dat was wel een probleem bij het Gemini-park, waar de financial close eindeloos op zich liet wachten. Als Meewind geen 20% van het eigen vermogen levert kunnen de andere twee partijen makkelijk het restant aanvullen. Banken en pensioenfondsen zijn gretig om aan de financiering deel te nemen, zo zegt Smelik. Dit is waarschijnlijk echt zo, gezien de overvloed aan goedkoop geld heden ten dage. Maar er zijn natuurlijk wel risico's. Zo kan er iets misgaan met de bouw. De aannemer kan failliet gaan. Een schip kan tegen een funderingspaal aanbotsen, waarna er geen windmolen op geplaatst kan worden. Dat is gedekt door de verzekering, maar er is weer wel een eigen risico. Als het tien keer gebeurt tikt dat aan. De elektriciteitsprijs kan dalen, wat dus vooral een risico is als voor het oude subsidiesysteem wordt gekozen. Er kan iets mis zijn met de molens die straks geplaatst worden. Er is in principe een ongedeeld vermogen waardoor, als het vermogen van een fonds negatief wordt, een ander fonds moet bijspringen. Maar omdat er niet geleend wordt (mag worden) is de kans dat het vermogen van een fonds negatief wordt zo goed als nul.

Oordeel
Al met al lijkt me dit een redelijk veilige investering. Het is een project dat én bijdraagt aan verduurzaming van de samenleving en waarschijnlijk een goed rendement oplevert. Risico's zijn er altijd maar de risico's lijken kleiner te zijn dan bij een bedrijf als Winddelen, omdat er echt sterke financiële partijen bij betrokken zijn en omdat er veel meer molens zijn, zodat het bedrijf niet omvalt als het met één of twee molens mis mocht gaan. Het management is serieus, is in financiële zin goed onderlegd (en is dus meer dan een vat vol goede bedoelingen) en heeft zich in zekere zin al bewezen. De constructie van de fondsen en de bedrijven zit goed in elkaar. De nadruk wordt niet gelegd op marketing-bla-bla, in tegenstelling tot veel andere initiatieven. ('U wordt eigenaar van uw eigen stukje windmolen, is dat niet gewéldig?'). Meewind doet echter wel steeds meer aan marketing. De organisatie moet daarom oppassen dat het in deze zin niet te hoog van de toren gaat blazen. Teveel nadruk op marketing leidt vaak tot teveel geloof in eigen kunnen, wat ten koste kan gaan van aandacht voor risico's en tekortkomingen. Daarnaast zijn de omstandigheden op zee natuurlijk wel uitdagender dan op land.

* Bij warmte-koude opslag wordt warmte van de zomer opgeslagen in de grond, waarna die in de winter gebruikt kan worden. Koude van de winter kan eventueel gebruikt worden voor koeling in de zomer. Biogas is gas dat opgewekt wordt bijvoorbeeld door vergisting van afval; het kan nadat het is bewerkt in het aardgasnet gestopt worden. Aardwarmte is het oppompen van warm water uit de diepe ondergrond (zo'n 3 kilometer diepte), om daarmee huizen of kassen te verwarmen.


Jurgen Sweegers

Kenniscentrum Geldengroen.net
Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn