Zijn zonnepanelen rendabel? Hoe te berekenen?

1 februari 2012 - Het is hét onderwerp tegenwoordig op feestjes en partijen: zonnepanelen op het dak leggen. Dus het begint echt hot te worden. Vraag is of het rendabel is en hoe je dat berekent? Verschillende media stelden eerde deze week, op basis van een onderzoek van Natuur en Milieu, dat de installatie de eigenaar duizenden euro's oplevert. Dat is wat overdreven. Maar het kan wel geld opleveren. Het maakt echter nogal wat uit welke panelen waar gekocht worden (de prijzen verschillen enorm). Daarnaast hangt het rendement af van de ontwikkelingen in de energieprijzen en die kan niemand voorspellen. Een grote onzekerheid is verder wat de gevolgen voor het rendement zijn van een verhuizing. Hier een korte beschrijving van wat er komt kijken bij de installatie van zonnepanelen en hoe het rendement berekend kan worden.

Kat in bakkie
De essentie is simpel: u investeert een bepaald bedrag nu en daar staan opbrengsten in de toekomst tegenover. Die opbrengst is de stroom die geproduceerd wordt en de waarde daarvan. Maar hoe berekent u nu of die panelen hun geld opleveren? Er is een hele simpele methode en er zijn wat ingewikkelder methoden. Stel u investeert nu 2000 euro en de opbrengst van de stroom is 100 euro per jaar. En stel dat de panelen 25 jaar meegaan. Dan kunt u als een eerste indicatie zeggen dat de totale opbrengsten 2500 euro zijn en de kosten 2000 euro. Kat in het bakkie dus. U kunt dan ook zeggen dat de panelen in twintig jaar zijn 'terugverdiend'.

Naar het nu halen
Geld in de toekomst is echter minder waard dan geld nu. Dat komt met name door inflatie, en door risico's zoals het risico dat er oorlog uitbreekt, dat u iets overkomt, etc. Dat is ook de reden dat u rente krijgt over spaargelden: u wilt een vergoeding krijgen voor het feit dat u risico's loopt door het geld weg te zetten. Over het algemeen worden opbrengsten in de toekomst daarom verdisconteerd: naar het 'hier en nu' gehaald met een bepaalde discontovoet. Die discontovoet is bijvoorbeeld gelijk aan de rente op spaarrekeningen.

Toch niet
Stel dat die discontovoet 2% is. Een bedrag van 100 euro volgend jaar is nu, afgerond, 98 euro waard (100/1,02). Een bedrag van 100 euro over twee jaar is nu, afgerond, 96 euro waard (100 gedeeld door 1,02 tot de tweede). In andere woorden: als u nu 96 euro op een spaarrekening zet is dat over twee jaar 100 euro waard. Ofwel: die 100 euro van straks is nu 96 euro waard. En zo verder. Als u iedere 100 euro van de komende jaren op deze manier zou verdisconteren en als u al die bedragen bij elkaar optelt dan komt u op een totaalbedrag van 1952 euro. Dat is dus geen kat in het bakkie meer, want de investeringskosten waren 2000 euro.

Vervormer
Terug naar de panelen. Ten eerste zijn er de kosten van de panelen zelf. Die worden veelal in setjes geleverd, inclusief de dragende materialen en een zogenaamde inverter, of omvormer. Een omvormer zorgt er voor dat de gelijkstroom van de panelen wordt omgezet naar wisselstroom van 230 volt. Er zijn panelen voor platte daken en voor schuine daken en er zijn kristallijne panelen (van silicium) en amorfe panelen (van goedkopere materialen). Die laatste zijn goedkoper maar het energetisch rendement is lager. Ze zijn vooral geschikt als u een wat groter dakoppervlak tot uw beschikking heeft, zo vertelt iemand van SolarNRG uit Naaldwijk. De kosten van panelen verschillen enorm. Vaak wordt gerekend met een bedrag per watt aan vermogen dat geïnstalleerd wordt.

Concurrerend setje
Laten we een concreet voorbeeld bij de hand nemen. De man van SolarNRG raadde ons een setje van drie panelen van Senersun (Frans bedrijf) aan. Dat heeft een vermogen van 570 watt; de kosten inclusief BTW zijn 982 euro. Per watt is dat 1,72 euro, wat concurrerend is. Het is het laagste van alles wat SolarNRG te bieden heeft, en dat is behoorlijk wat. Niet lang geleden werd er nog gesproken over 2,20 euro per watt. Het setje wat we uitgekozen hebben bestaat uit kristallijne panelen voor een schuin dak. We kunnen eigenlijk best wel twee pakketten nemen, want één is wel weinig. Een voordeel van dit type zonnepanelen is dat het makkelijk uit te breiden is met nieuwe pakketten.

Staatje
Het vermogen van die twee pakketjes van drie panelen is 1140 dus watt. In Nederland leidt dat tot een opbrengst van ongeveer 1000 kWh per jaar (maal 0,9 doen). Op plekken waar de zon wat vaker schijnt, zoals Zeeland, kunt u wellicht een iets hoger getal nemen. De kwaliteit van de panelen neemt echter langzaam af. In plaats van die 0,9, zou eigenlijk een langzaam afnemend getal genomen moeten worden: bijvoorbeeld 0,95 in het eerste jaar, aflopend tot 0,85 in het laatste jaar. Om het gemakkelijk te maken kan echter volstaan worden met een gemiddelde van 0,9. Ieder jaar leveren de Senersun panelen dus 1000 kWh op. Op dit moment, bij een prijs van 22 cent per kWh, is de waarde hiervan ongeveer 220 euro. De grote vraag is echter wat de prijs in de toekomst gaat doen.

Het kan vriezen, het kan dooien
Dat is onmogelijk te voorspellen. Het kan vriezen en het kan dooien. Er wordt altijd maar gezegd dat de energieprijs gaat stijgen (door voorstanders van duurzame energie), maar dat lijkt me helemaal geen vanzelfsprekendheid. Economisch gaat het niet goed en dat zal waarschijnlijk in ieder geval de komende vijf jaar zo blijven. Hierdoor en ook doordat mensen en bedrijven massaal energie gaan besparen zal de vraag naar stroom achterblijven bij de verwachtingen, wat een prijsdrukkend effect heeft. Tegelijkertijd komt er veel nieuw productievermogen bij de komende jaren in Nederland, onder meer door investeringen van particulieren en bedrijven in zonne-energie maar meer nog door alle nieuwe kolen- en gascentrales die energiebedrijven aan het bouwen zij. Grote overcapaciteit = groot aanbod = lage prijzen.

China
Aan de andere kant zijn er ook best redenen te verzinnen waarom de prijs omhoog zou gaan, zoals hogere prijzen voor gas en kolen als gevolg van de toenemende grondstoffen-honger van opkomende landen als China en India. Gas en kolen bepalen nog voor een groot deel de prijs van stroom omdat de meeste stroom nog met deze grondstoffen gemaakt wordt. Het beste kan die prijs dus maar hetzelfde worden gehouden.

Saldering
Een grote onzekerheid is de vraag of saldering blijft bestaan. We stelden in het begin dat de stroom die op het net gezet wordt mag worden afgetrokken van het eigen verbruik. Dit heet saldering. U krijgt daardoor dezelfde opbrengst voor de geproduceerde stroom dan wat u kwijt bent aan het energiebedrijf als u stroom koopt. Dit betekent in feite dat u geen belasting betaalt over de stroom die u zelf geproduceerd heeft. Dit klinkt logisch, maar toch zijn er mensen die aan het morrelen zijn aan dit principe. Als de saldering wordt afgeschaft krijgt u nog maar zo'n 8 cent voor de zelf geproduceerde stroom en dan vallen alle businesscases volstrekt in het honderd, net als de berekeningen die u maakte bij het kopen van het huis in het honderd vallen als de hypotheekrente-aftrek wordt afgeschaft. Maar we gaan er hier maar even vanuit dat de prijs gelijk blijft aan die van nu: zo'n 22 cent per kWh.

Krachtstroom
U heeft echter, behalve de kosten van de panelen, nog meer kosten, zoals de kosten van de installatie, inclusief mogelijk aanpassingen in de meterkast, en de kosten van het vervangen van de zogenaamde omvormer die u nodig heeft. Kleine setjes kunnen gewoon met de stekker in het stopcontact. Voor grotere setjes heeft u een aparte groep nodig, eventueel eentje die krachtstroom aankan (400 watt). Omdat de overheidssubsidies per kWh zo goed als weggevallen zijn voor particulieren hoeft u, in tegenstelling tot vroeger, geen aparte productie-meter meer te kopen. Wel moet u een meter hebben die bijhoudt hoeveel kWh er op het net wordt gezet. Voor dat salderen dus. Mogelijk dat u een nieuwe meter moet laten installeren.

Draaischijf
Als u een ouderwetse draaischijf-meter heeft, heeft u geluk. Die saldeert vanzelf omdat ie terug draait als er stroom op het net wordt gezet; en die stopt ook niet bij 5000 kWh. Lekker laten zitten, en vooral niet ingaan op allerlei aanbiedingen van netbeheerders die met slimme meters aan komen zetten. U kunt die meter weigeren. Als ze dan zeggen dat uw huidige meter niet meer voldoet omdat die versleten is, zegt u dat u een nieuwe draaischijfmeter wilt. Zo'n draaischijfmeter is eigenlijk stukken slimmer dan de slimme meter, voor u althans. Maar andere meters registreren wellicht nog niet wat er op het net wordt gezet. De kosten van een nieuwe meter kunnen waarschijnlijk aardig in de papieren lopen, tenzij u wellicht toevallig 'aan de beurt' bent voor de installatie van een digitale meter, maar dit zal hoogst waarschijnlijk voor de meesten nog wel even duren.

Omvormer
U heeft ook een omvormer, of inverter, nodig. Die zet de gelijkstroom van de panelen om in wisselstroom van 220 volt, zodat die op het net gezet kan worden. Gesteld wordt dat zo'n omvormer zo'n 12 jaar mee gaat. De kosten van zo'n inverter, als u die los moet kopen, zijn schrikbarend hoog, terwijl het ding er bij bestelling van de panelen zo'n beetje gratis bij zit. Het lijkt op afzetterij, net als voor auto-onderdelen in de garage veel te veel geld wordt gevraagd. Bij SolarNRG uit Naaldwijk bijvoorbeeld zijn de prijzen voor een inverter voor de consumentenmarkt al gauw meer dan 1000 euro. De meneer van SolarNRG verzekerde ondergetekende echter dat de kosten flink omlaag zullen gaan in de toekomst.

Concreet
De kosten van de omvormer die bij het pakketje uit ons voorbeeld hoort zijn verrassend laag: 300 euro. Als het er twee moeten zijn, zijn we 600 euro kwijt over 12 jaar als ze vervangen moeten worden. Laten we stellen dat de kosten voor installatie 1000 euro zijn. SolarNRG rekent 800 euro maar die is aan de goedkope kant. Daar komen dan nog 200 euro bij voor eventuele aanpassingen in de meterkast. De kosten van de plaatsing van een nieuwe meter laten we even weg. Al met al resulteert dan het volgende staatje. Een netto-contante waarde (de opbrengst naar het nu gerekend) van 760 euro. Niet slecht, ook al is het wat minder dan de duizenden euro's die Natuur en Milieu voorspeld had. De rentabiliteit hangt verder heel sterk af van waar u de panelen koopt. Als u ze bij Nuon koopt, bijvoorbeeld, heeft u een negatieve netto-contante waarde, zoals we eerder al eens aantoonden.

Kosten en opbrengsten van een bepaald zonne-panelen pakket
Investering 1864 euro      
meterkast 200 euro      
montage 1000 euro      
omvormer 600 euro      
vermogen 1164 watt      
productie p.j. 1000 kWh      
         
jaar opbrengsten kosten opbrengsten minus kosten NCW
        758
0   3064 -3064 -3064
1 220   220 216
2 220   220 211
3 220   220 207
4 220   220 203
5 220   220 199
6 220   220 195
7 220   220 192
8 220   220 188
9 220   220 184
10 220   220 180
11 220   220 177
12 220 600 -380 -300
13 220   220 170
14 220   220 167
15 220   220 163
16 220   220 160
17 220   220 157
18 220   220 154
19 220   220 151
20 220   220 148
21 220   220 145
22 220   220 142
23 220   220 140
24 220   220 137
25 220   220 134

 

Ga niet naar energiebedrijf
Over het algemeen gesteld kunt u beter nooit iets bij energiebedrijven bestellen of door energiebedrijven laten doen. Die zijn altijd een stuk duurder, ook als het bijvoorbeeld gaat om aanbrengen van isolatie of het kopen en plaatsen van een nieuwe verwarmingsketel (OK, daar gaan onze advertentie-gelden). Omdat u wellicht een intrinsieke waarde toekent aan het overschakelen op zonne-panelen bent u wellicht geneigd om genoegen te nemen met een lage netto-contante waarde of zelfs met een negatieve netto-contante waarde. Dat is aan u. Maar gezien de ontwikkeling van de prijzen zou dat laatste dus niet meer hoeven. Zoals u ziet is de netto-contante waarde bij een disconto-voet van 2% bij de panelen van SolarNRG, en alle vergelijkbare panelen natuurlijk, een stuk hoger dan nul. Doen! De panelen leveren meer op dan een spaarrekening.

Offertes
Vraag eerst offertes aan bij verschillende partijen. Als u offerte heeft aangevraagd kunt u op deze manier berekenen wat de NCW is van de biedingen die de bedrijven u doen. We zullen later een excell-bestandje beschikbaar stellen, waarbij u slechts enkele parameters hoeft in te vullen, waarna de NCW eruit komt rollen. Als u verschillende offertes wilt vergelijken kunt u eigenlijk het beste de interne rentabiliteit uitrekenen. Dat is de disconto-voet waarbij de kosten en opbrengsten naar het nu gehaald gelijk zijn aan de investeringskosten nu. U kiest dan de offerte met de hoogste interne rentabiliteit (later meer hierover).

RISICO'S
Wel moet dus moet de volgende onzekerheden rekening worden gehouden.
Saldering: zal saldering toegestaan blijven? Zo niet dan valt uw businesscase als een kaartenhuis in elkaar. Want de stroom die u dan op het net zet levert dan nog maar 8 cent of zo op. Dan wordt het tijd voor batterijen of accu's in huis of voor de deur, in de vorm van een elektrische auto.
Energieprijs: als de energieprijs flink gaat dalen nemen ook de opbrengsten af. Omdat de kale energieprijs maar ongeveer 8 cent per kWh is, is het risico hierop niet zo groot
Verhuizen: Het grootste risico is wellicht nog wel verhuizen. Het is onzeker of u de waarde van de panelen terugkrijgt bij verkoop van het huis. Het lijkt me ook onmogelijk te bepalen want het huis zal voor een bepaalde prijs verkocht worden, en net zoals de keuken daarbij inzit zitten ook de panelen erbij in. Een optie is natuurlijk om de panelen weer van het dak te schroeven en mee te nemen naar het nieuwe huis. Dit is wellicht wellicht meer op, tenzij nieuwe kopers zonnepanelen op het dak echt op waarde gaan weten te schatten en er bewust of onbewust een extra bedrag voor op tafel willen gaan leggen.
Onderhoud: Het kan natuurlijk zijn dat de omvormer al na een jaar kapot gaat, of dat de panelen het veel minder lang volhouden dan gedacht. Aan de andere kant is het ook mogelijk dat ze langer dan 25 jaar meegaan.

Jurgen Sweegers

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn