Aardwarmte: winningsvergunning, groepsrisico, injectiepomp, winningsgebied, drukte in de ondergrond en stadsnet

19 maart 2013 - Er zijn nog maar twee winningsvergunningen voor aardwarmte uitgegeven: eentje voor een tuinder in Blijswijk en eentje voor het mijnwaterproject in Heerlen. Zelfs het aardwarmte-project in Den Haag en de tuinders in Pijnacker, die al jaren bezig zijn, hebben er nog geen.

Gas
De opmerking van wethouder Baldewsingh van Den Haag vorige week tijdens een debat dat de aardwarmte-centrale in Den Haag er nog geen heeft wekte wel verbazing. Wat is er aan de hand? De centrale had natuurlijk wel al een exploratievergunning, maar om echt te kunnen gaan draaien is een winningsvergunning nodig. Reden dat die winningsvergunning er nog niet is is onder meer het meekomen van gas bij het oppompen van het water. Dit gas moet worden afgevangen. De installatie hiervoor is nog niet aangelegd. Er was een tijdelijke installatie om te kijken wat er allemaal naar boven komt maar die is weer weg. "De nieuwe installatie is nog niet besteld", zo zegt directeur Frank Schoof tegen Energieenwater.net.

Risico
We horen ook andere geluiden. Een van de redenen dat de winningsvergunning voor de aardwarmte-centrale nog niet binnen is is dat het risico op ongelukken nog te groot wordt geacht. De centrale staat midden in de stad. Het zogenaamde groepsrisico is dan wat groter dan als zo'n centrale bij een tuinder staat. Het is altijd al een raar idee geweest; een aardwarmtecentrale midden in de stad. Tijdens de aanleg stond er een tijdlang midden tussen de huizenblokken en vlak bij een ziekenhuis een boortoren, dezelfde als die gebruikt worden voor het boren naar olie en gas.

Winningsgebied
En verder moet er nog een winningsgebied omschreven worden. Dat gebied moet precies 'passen'; het moet het gebied waar de grondwaterstromen worden beïnvloed door de centrale nauw omvatten. Het mag niet te groot zijn, omdat anders anderen de mogelijkheid wordt ontzegd om te boren en het mag niet te klein zijn omdat de centrale anders invloed heeft op het grondwater in het gebied daarnaast. Als daar dan tuinders gaan boren kan dat tot problemen leiden. Dat zou dan de winning in deze gebieden in de weg staan. We krijgen de indruk dat hier iets niet goed zit.

Druk
De pijpen waarmee het water wordt opgehaald en teruggebracht liggen wijd uit elkaar. De winningspijp ligt onder het Zuiderpark, zegt Schoof, en de injectiepijp ligt ergens onder Loosduinen, een stadsdeel van Den Haag. Dit ligt weer dicht tegen Honselerdijk aan, waar nu ook naar warm water is geboord. Het is in ieder geval nogal druk in Den Haag en omgeving. Uit de kaart blijkt ook dat er nog maar twee partijen een winningsvergunning hebben: een tuinder in Bleiswijk en de eigenaren van de mijnwatercentrale in Heerlen.

Injectiepomp
Er zijn andere problemen. Er moet een extra miljoen euro in de aanschaf van een injectiepomp worden geïnstalleerd. Tijdens de vergadering in de raad had men het over een warmtepomp, maar het gaat dus om een injectiepomp. Dat is een pomp die op het maaiveld komt te staan. Er zit al een pomp onder de grond, op zo'n 200 meter diepte. Die moet daar zitten om het water het laatste stukje omhoog te pompen. Het water uit de bron (2200 meter) komt niet tot aan het maaiveld, maar stopt zo'n 50 tot 100 meter daaronder. Als de pomp op het maaiveld zou staan zou die de pijp vacuüm trekken.

Maaiveld
Het oppompen en terug injecteren is één circuit, zo vertelt de voorzitter van het platform geothermie Victor van Heekeren tegen ons. De warmte wordt in de centrale via een warmtewisselaar afgegeven. Zo'n pomp onder de grond heeft bijvoorbeeld een capaciteit van 300 kW. Dat blijkt nu te weinig te zijn om het water rond te pompen: van de bron terug de grond in via een andere pijp. De bouw van een pomp met meer capaciteit, bijvoorbeeld 600 of 900 kW onder de grond is heel erg duur. Onder meer het onderhoud is daar natuurlijk veel bewerkelijker. Dus wordt zo'n extra pomp boven het maaiveld geplaatst. Bij tuinders in Pijnacker en Honselerdijk zijn ook van die pompen geplaatst.

Capaciteit
Wat we ook nog leerde van Schoof: het injecteren van de warmte van de aardwarmtecentrale in het stadverwarmingsnet van Den Haag is nog niet zo makkelijk als gedacht. Ten eerste moet het water dus opgewarmd worden, van 79 graden naar meer dan 100 graden. Dat kan met een warmtepomp, die op elektriciteit draait. Dan wordt er dus drie keer elektriciteit gebruikt: voor het oppompen, voor het weer terug injecteren en voor de opwarming. Vraag is of dit economisch uitkomt, zo zegt Schoof. Daarbij moet bedacht worden dat de capaciteit van die aardwarmtecentrale slechts 6 MW is, terwijl de capaciteit van de centrale van Eon in het centrum zo'n 200 MW is.

Probleem
We hadden dit 'terugpompen' als oplossing voorgesteld voor het probleem dat er nu een gebrek aan vraag is naar de warmte. Er worden veel minder huizen gebouwd dan verwacht.

 Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn