Tien aanbevelingen om te zorgen dat de aankoop van groene stroom weer tot verduurzaming leidt

15 maart 2013 - Op dit moment leidt de aankoop van groene stroom niet tot de bouw van nieuwe installatie voor de productie van groene stroom. De volgende slagen kunnen gemaakt worden om te zorgen dat mensen door de aankoop van groene stroom weer bijdragen aan verduurzaming van de samenleving:

 

1) Energiebedrijven gaan onderscheid maken naar verschillende tinten groene stroom: lichtgroen, donkergroen, etc. Donkergroene stroom is dan stroom van een installatie die niet meer dan vijf of tien jaar oud is, of van een installatie die zelf opgericht is. Er kunnen ook meer tinten onderscheiden worden.

2) Die informatie over de mate van groenheid van de stroom gaan energiebedrijven opnemen in hun brandstofmix (ofwel energielabel), zoals ze die elk jaar moeten publiceren. Daarvoor wordt de wettelijke regeling over de brandstofmix aangepast. Het energielabel moet onder meer op een makkelijk vindbare plaats op de website gepubliceerd worden.

3) Energiebedrijven mogen voor verschillende delen van het bedrijf niet meer verschillende brandstofmixen hanteren. Alleen een dochterbedrijf dat totaal onafhankelijk is mag een andere brandstofmix hanteren als die van de moeder. Dat zijn dochters met een andere naam en een totaal onafhankelijke bedrijfsvoering. Er mogen tussen deze bedrijven geen afspraken worden gemaakt en geen transacties met groene-stroomcertificaten plaatsvinden. Dit alles om te voorkomen dat de moeders alle groene stroom in één dochter stoppen, daarmee veel reclame maken, en alle vieze stroom in andere delen van het concern stoppen. Er wordt nu vaak met name een onderscheid gemaakt tussen de brandstofmix voor kleine afnemers (appeltjesgroen) en die voor zakelijke afnemers (asgrijs).

4) Als de donkergroene stroom 'op' is dan moet het energiebedrijf Nee verkopen. Bedrijven hebben één brandstofmix, maar ze kunnen nog wel verschillende soorten stroom verkopen. Dus bijvoorbeeld donkergroene stroom, groene stroom (met alle tinten) en grijze stroom. De vraag naar donkergroene stroom kan hoger zijn dan wat het bedrijf heeft aangekocht of geproduceerd. Dan moet zo'n bedrijf Nee verkopen.

5) Een einde moet er komen aan de losse markt voor groencertificaten, ofwel garanties van oorsprong. Bedrijven moeten de groencertificaten samen aankopen met de stroom van de installatie waar deze groencertificaten uit ontsproten zijn. Dus als een bedrijf waterkracht uit Noorwegen wil, moet hij met de eigenaar een contract sluiten voor de afname van deze stroom, of eventueel met een tussenpersoon. Dit stimuleert de bedrijven om dicht bij huis te blijven en om in contact te treden met de producent, zodat er persoonlijke relaties ontstaan en zodat de leverancier echt de groene stroom van de duurzame producent verkoopt.

6) Stel Nederlandse bedrijven in beperkte mate in staat om buiten de landsgrenzen duurzame energieprojecten op te zetten, waarbij ze in staat wordt gesteld om SDE-subsidie te krijgen. Dat kan dan alleen onder strikte voorwaarden.

7) Sta toe dat de groene stroomcertificaten die verkregen zijn door de productie van duurzame stroom in het buitenland worden meegeteld bij het berekenen van het aandeel duurzame energie in het initiërende land. Het moet dan bijvoorbeeld gaan om projecten die met het geld van dit land zijn opgezet.

8) Sta toe dat groencertificaten van buitenlandse bedrijven, die door Nederlandse bedrijven worden aangekocht (geïmporteerd), meetellen bij het berekenen van de nationale doelstelling, voor zover het donkergroene stroom betreft. Vanzelfsprekend kunnen deze certificaten dan niet meer meetellen bij het berekenen van het aandeel duurzame energie in het land waar de installatie staat.

9) Mensen, span je in en win informatie in over de bedrijven waarmee je zaken doet! Dit moeten mensen natuurlijk altijd doen, bij alles wat ze kopen, maar zeker ook bij de aankoop van energie, waar toch een bedrag van al gauw 2000 euro per jaar mee is gemoeid. Welk systeem er ook opgetuigd wordt, nooit zal dat er voor kunnen zorgen dat mensen beschikken over álle relevante informatie over de bedrijven en de mate van duurzaamheid. Essent mag nog zoveel donkergroene stroom produceren als ze wil, het feit dat het bedrijf een kolencentrale bouwt is een groot minpunt, wat wel degelijk relevant is bij de keuze.

10) Bedrijven: ben zo open en transparant mogelijk over mate waarin de stroom en het gas die geleverd worden groen is! Verkoop geen knollen voor citroenen! Wek niet de indruk in marketing-campagnes dat heel het bedrijf zo groen is als appeltjes terwijl je tegelijkertijd ook kolen- en gascentrales aan het bouwen bent en bij de minister aan het lobbyen bent tegen het gebruik van CO2-emissierechten en voor het afschaffen van saldering, om maar wat te noemen. Maak duidelijk waar de groene stroom precies vandaan komt.


Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn