Collectief warmtenet Zuid-Holland lijkt allerlei lokale duurzame initiatieven te verstikken, veel weerstand tegen plannen

9 maart 2016 - Er lijkt behoorlijk wat onvrede te zijn over het bureau dat zich bezighoudt met de aanleg van een warmtenet in Zuid-Holland: het programmabureau Warmte en Koude Zuid-Holland. Vanochtend belde iemand me spontaan op, naar aanleiding van het stuk wat ik eerder over het onderwerp schreef. Hij had mijn artikel gelezen; hij complimenteerde me verschillende keren met het stuk en vond dat ik de spijker op de kop sloeg. Hij is werkzaam bij een grote organisatie en verantwoordelijk voor de warmtevoorziening van veel mensen. We hebben twee keer anderhalf uur gesproken met elkaar. Hij moest duidelijk zijn hart luchten. Een van de belangrijkste zorgen van deze persoon is dat de leveringszekerheid op het spel staat.

Wals
Het programmabureau, dat geleid wordt door May van der Steenhoven, heeft ambitieuze plannen voor de uitrol van een groot warmtenetwerk in Zuid-Holland. Zo zou er restwarmte vanuit de industrie in de Europoort naar woningen in steden als Den Haag. Leiden, Zoetermeer en Delft vervoerd moeten worden. Miljarden kost de aanleg van zo'n netwerk. Dan moet iedereen wel een beetje meewerken. De organisatie lijkt over alles en iedereen heen te walsen, "niet gehinderd door enige praktische kennis", zo horen we van deze persoon. "Dit is het product dat we leveren; pas de vraag daar maar aan aan." Vervelend te horen voor directeur Maya van der Steenhoven, want ze wordt hierdoor persoonlijk geraakt zo schreef ze op twitter. De man wenst anoniem te blijven. Hij moet nog met de mensen van het programma-bureau om tafel zitten, maar hoopt wel dat ze een beetje normaal gaan doen.

Maya van der Steenhoven: Gezien de enorme persoonlijke drive die ik hierin stop om t zo duurzaam en goed mogelijk te doen is dat lastig [om het niet persoonlijk te nemen].

Druk
De druk op partijen in Zuid-Holland met kleine energie-installaties in de regio wordt opgevoerd. Zo wordt gevraagd om inzicht te geven in duurzame energie-installaties. "Leg eens uit hoe het zit met uw systeem". Achter die druk zit mogelijk een lobby van grote energiebedrijven, zo denkt de man die belde. Die grote partijen zoals Eneco en Eon vinden het niet zo leuk dat jan en alleman energie-installaties runt. En op die manier wordt de weg geplaveid voor de aanleg van de warmterotonde. Er lijken ook 'aanschrijvingen' te komen: "U moet uw installatie van de hand doen'. De vraag is echter of zo'n top-down aanpak in deze tijd past en of een collectivistische aanpak in deze tijd past. Dit is toch meer de tijd van allerlei lokale, kleinschalige, initiatieven.

Plan B
De frustratie bij de beller zit hoog, dat is te merken. Woningbouwcorporaties hebben over het algemeen een lange-termijnblik. Huizen gaan langer dan 30 jaar mee. Een van de problemen waar zij mee kampen is echter dat de leveranciers een garantie geven op de levering van warmte voor niet meer dan 30 jaar. De huiseigenaar is er dus niet zeker van dat zijn huurders over dertig jaar nog van energie worden voorzien, op het moment dat hij zijn huis laat aansluiten op een warmtenet.  Daar zit zo'n corporatie mee in zijn maag. Een ander probleem is dat de wet voor de producenten niet duidelijk voorschrijft om ook de inkoop te garanderen voor de lange termijn. Er is geen plan B voor als de kolencentrale of de raffinaderij het laat afweten.

Garantie
Maar een garantie van dertig jaar lijkt nog veel te zijn. Tuinders in het Westland die warmte leveren geven zekerheid voor niet langer dan tien jaar. En geef ze eens ongelijk. "Een ketelfabrikant geeft toch ook geen garantie van dertig jaar?" Maar een bouwer van woningen kan niets met die garantie van tien jaar. Aan het begin van het project moet een keuze gemaakt worden over de warmtevoorziening. Die keuze wordt gemaakt voor de levensduur van een woning, zeg 100 jaar. Mede om die reden is destijds afgezien van een hoogtemperatuurverwarming van de nieuwbouwwijk Hoogeland, in Naaldwijk. De huizen zouden in eerste instantie verwarmd worden middels een geothermische bron. Maar de levering werd slechts voor tien jaar gegarandeerd. Nu zijn er WKO-installaties aangelegd en is er lage-termperatuurverwarming. Er wordt nu echt gebruik gemaakt van de restwarmte van kassen.

Lage temperatuur
De lage-temperatuurverwarming is niet alleen beter voor goed geïsoleerde nieuwe huizen, maar wellicht ook voor oude huizen. In de wat oudere woningen in Den Haag Zuidwest bijvoorbeeld kunnen blokken in de woningen geschoven worden, zodat de isolatie daar ook in orde is. Er is veel groen daar, dus vervolgens kunnen WKO's aangelegd worden.  Veel potentie biedt ook 'vloerverwarming'  die wordt gevoed met de warmte van platte, bitumen, daken. Dat is iets wat volledig genegeerd wordt door het programma-bureau. Dit merkt Krijn Braber op, van Infinitus. Hij staat als auteur onder het rapport van CE Delft over het warmtenet maar hij vindt dat niet prettig omdat zijn kritische opmerkingen uit het rapport zijn gelaten. Precies dus wat er altijd gebeurt als een project koste wat het kost moet worden gerealiseerd.

Ik was helaas een van de auteurs van (en rekenaars achter) de hier aangehaalde MKBA. Naar mijn kritische geluiden werd niet geluisterd door CE Delft (penvoerder) en de opdrachtgevers. Mijn kritische noten zijn NIET in het rapport opgenomen.

Revolver
Een ander pijnpunt is dat Eneco eist dat de woningbouwcorporaties en de VVE's het 'klantcontact' gaan doen. "Dus huurders met vragen over de energievoorziening zouden niet de leverancier maar de corporatie en de VVE moeten bellen." Maar corporaties hebben niet zo veel kaas gegeten van energie, en voelen daar dus weinig voor. "'Wij doen de rest wel', zo zeggen de partijen van de warmterotonde dan. Ja, ja. En dan na dertig jaar zeggen: 'We stoppen ermee.' Het is toch een beetje alsof een revolver in de mond geduwd wordt."

Onderzoek
De warmtenetten van de grote energiebedrijven kwamen bij de splitsing van deze energiebedrijven terecht bij de commerciële delen en niet bij de netbeheerders. De grote energiebedrijven wilden een paar jaar geleden echter massaal van hun kleine netten af.
Corporaties, die het om verschillende redenen zwaar kregen, wilden ook van hun kleine warmte-projecten af. Dat viel nog niet mee. Alle potentiële kopers werden aangeschreven maar er reageerde er maar één. Die wilde slechts 25% van de waarde van de netten betalen. Je kreeg dan te maken met mannen met "open shirt en kettingen". Pensioenfondsen als PGGM en ABP hadden in principe wel belangstelling maar het te investeren bedrag was te klein voor hen. Vraag is waar alle netten nu precies terecht zijn gekomen. "Wie zijn nou die nieuwe toetreders en waar komen ze vandaan en waar staan ze voor? En hoe stabiel zijn ze in financieel opzicht?" Daar zou onderzoek naar moeten worden gedaan.


Afscheid

De problemen worden groter als de Nederlandse energiebedrijven meer en meer afscheid gaan nemen van gas als brandstof voor de verwarming van huizen. En daar ziet het wel naar uit. Partijen als Alliander roepen te pas en te onpas dat de wijken van de toekomst geen gasinfrastructuur meer zullen hebben. Zo'n vaart zal het allemaal niet lopen, maar het is toch wel  een ontwikkeling om serieus rekening mee te houden.  Zelfs Gasterra schijnt zich achter deze doelstelling geschaard, zo heeft CE Delft opgetekend in een rapport. Het nationale gasbedrijf zou zich hebben uitgesproken voor een afscheid van gas als brandstof om te verwarmen en te koken. In 2050 zou Nederland klimaatneutraal moeten zijn. Dat is over ruim dertig jaar, de levensduur van twee ketels. Onze man schrikt daarvan. Woningbouwverenigingen die nu ketels ophangen horen wellicht over een tijdje dat ze die ketels weer weg moeten halen. Wat betekent dit voor het elektriciteitsnet? Is dat wel zwaar genoeg om afscheid van gas op te vangen? De regie ontbreekt om tot een dergelijke verzwaring te komen.

Verketeling
Toch denken woningbouwverenigingen er over om weer te gaan 'verketelen'; dat wil zeggen ketels op te hangen daar waar nu nog warmte via een warmtenet wordt aangeboden. Eigenlijk ben je dan van het energievoorzieningsprobleem af, zo zegt onze informant. De energie-installatie wordt dan namelijk weer meer iets van de bewoner van het huis zelf. Vergelijk het met een waterbedrijf dat het water afsluit. De bewoner moet dan zelf contact opnemen met het waterbedrijf om de zaak te regelen. Zo zal iemand die straks geen gas meer krijgt aan de bel trekken van het energiebedrijf. Dit is natuurlijk wel een beetje makkelijk gedacht, want een een huiseigenaar is er toch ook wel verantwoordelijk voor dat een huis van energie wordt voorzien. We hebben die 'verketeling' al eerder gezien. In nieuwbouwprojecten en renovatieprojecten in het Westland en Den Haag werden ketels opgehangen, terwijl er daarvoor plannen waren voor verduurzaming van de woning.

Verkeerstoren
Nodig is een soort 'verkeerstoren' in de warmtesector, om de transitie naar duurzame verwarming in goede banen te leiden. Een rol die in de stroom- en gasmarkt wordt ingevuld door de landelijke netbeheerders Tennet en GTS. Wat er verder moet gebeuren is de oprichting van een projectbureau dat ervoor zorgt dat de huizenbezitter zich veilig voelt als hij zijn woning energiezuiniger gaat maken. Nodig is ook dat men zich verbonden voelt met die verduurzaming. En iedereen moet zijn plaats kennen. "Is het nodig dat een bedrijf als Eneco van begin af aan betrokken is bij een project als de Haagse geothermische bron? Nee, dat is niet nodig. Haal ze erbij als het aanbieden van warmte ter sprake komt en nodig dan ook meteen een stel concurrenten uit."

Verstikkend
Het collectieve warmtenet van het programma-bureau roept veel weerstand op. Het grootste probleem is daarbij dat de warmte geleverd wordt door de oude fossiele industrie, die ten dode is opgeschreven. Tuinders lieten deze week in het AD blijken dat ze er met name om die reden weinig voor voelen om zich aan te sluiten op het warmtenet, terwijl er door het programmabureau wel alvast is ingecalculeerd dat tuinders met 1000 hectare aan kas zich zullen aansluiten. Ze vrezen dat hun naam als duurzame tuinbouwsector verloren gaat. Ook veel mensen die zich bezig houden met duurzaamheid staan om die reden niet te juichen over de komst van zo'n meganet. De tuinders vrezen verder dat het collectieve warmtenet allerlei aardwarmteprojecten om zeep helpt.

Conclusie
Alles en iedereen móet worden aangesloten op het net om het rendabel te maken. Het warmtenet lijkt daarmee een project te zijn dat allerlei kleine duurzame initiatieven om zeep gaat helpen en dat de start van nieuwe duurzame initiatieven in de kiem smoort.


Jurgen Sweegers
Kenniscentrum Geldengroen.net
Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn