Van der Hoeven weigert motie Kamer over duurzame energie uit te voeren

3 november 2009 - Minister Van der Hoeven van Economische Zaken wil energiebedrijven niet de verplichting opleggen een bepaald aandeel duurzame energie te produceren. Ze gaat daarmee in tegen de wens van de Tweede Kamer. Die Kamer heeft de minister al in 2007 opgeroepen om zo'n verplicht aandeel in te voeren. De minister weigert echter nog steeds de motie uit te voeren, zo bleek donderdag tijdens de behandeling van de begroting van Economische Zaken. Dit terwijl een motie een soort opdracht van de Kamer, het hoogste politieke orgaan in Nederland, aan de regering is. Kees Vendrik van Groenlinks diende daarom maar weer een motie van dezelfde strekking in.

Illustere voorgangers
De eerste motie, van 2007 was ingediend door zijn partijgenoot Femke Halsema. Daarin werd de regering opgedragen om met voorstellen te komen over zo'n verplichting. Een dergelijke maatregel komt erop neer dat energiebedrijven als Nuon en Essent bijvoorbeeld 20% van hun productie duurzaam moeten opwekken, dus met de zon, wind of met biomassa. Het zou het aandeel duurzame energie in het Nederlandse verbruik geweldig opkrikken. En dat is ook iets wat het kabinet zou moeten willen want dat is ambitieus op dat punt. Zo wil het kabinet dat in 2020, 20% van alle energie (dus zowel warmte als stroom) duurzaam wordt opgewekt, terwijl het nu nog maar zo'n 3,5% is. Vriend en vijand zijn het er over eens dat het zonder verplichting heel lastig zal zijn om dat doel te halen.

Vriend of vijand?
Die vrienden en/of vijanden bestaan in ieder geval uit het CPB en het Planbureau voor de Leefomgeving. Het CPB kwam in augustus tot de conclusie dat een verplicht aandeel duurzame energie heel goed mogelijk is. "Een verplichting voor een aandeel duurzame energie kan een efficiënt instrument zijn om de productie van duurzaam opgewekte elektriciteit te stimuleren", zo concludeerde het instituut, terwijl het Planbureau voor de Leefomgeving nog iets scherper stelde dat aanvullend beleid nodig is om de ambitieuze doelen van het kabinet binnen handbereik te halen.

Bang voor investeringsklimaat
Helaas voor de voorstanders van duurzame energie, de minister voelt er niets voor. "Normaal gesproken voer ik wensen van de Kamer uit, behalve als het niet kan", zo zei Van der Hoeven in de Kamer. Maar waarom het volgens haar niet kan is niet duidelijk. Waarschijnlijk is het meer een kwestie van niet willen. Ze gelooft waarschijnlijk niet zo in verplichtingen en ze is gevoelig voor argumenten van de energiesector, die stelt dat het investeringsklimaat in Nederland door zo'n verplichting verslechtert. De bedrijven kunnen dan niet meer 'vrij' kiezen waar ze in investeren.Haar volgende zin in het debat was dan ook niet voor niets dat ze wat deze motie betreft had aangegeven waarom ze de motie niet "opportuun" acht, wat iets anders is dan niet kunnen uitvoeren.

Niet linksom dan rechtsom
Vendrik probeerde nog op andere manieren het aandeel duurzaam omhoog te krikken, en dat van kolen- en gascentrales omlaag. Zo wil hij dat er een maximum komt aan de uitstoot van CO2 die met de opwekking van stroom gepaard gaat. Dat maximum is dan bijvoorbeeld 350 gram per kWh. Een kolencentrale is dan alleen mogelijk als de CO2 onder de grond wordt gestopt want die produceert ruim een kilo CO2 per opgewerkte kWh. Ook daar ziet de minister niets in. De minister wees op haar wetsvoorstel dat binnenkort ook in de Kamer wordt behandeld en dat maakt dat duurzaam energie 'voorrang' op het net krijgt. Of dat de beoogde investeringen in duurzame energie teweeg zal brengen is echter onzeker.

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn