Afvalbedrijven schermen met duurzame initiatieven, maar gaan ze niet te ver?

20 januari 2010 - De tijd dat kraaien de belangrijkste profiteurs waren van onze menselijke afvalberg ligt ver achter ons. We zijn het nu zelf die al pikkend en plukkend zoveel mogelijk van waarde uit de afvalberg proberen te halen. Hergebruik van materialen, ook wel cradle-to-cradle genoemd, en energieopwekking uit afval zijn de belangrijkste thema's in de afvalwereld vandaag de dag. Niets nieuws natuurlijk want al sinds jaar en dag wordt er energie opgewekt uit afval en wordt afval hergebruikt. Nieuw is wel dat de bedrijven veel moeite doen om aan de buitenwereld te tonen wat ze allemaal doen op dit gebied  Duurzaamheid is het belangrijkste onderdeel van de marketingstrategie geworden. De bedrijven moeten ook wel want klanten vragen er om en gemeenten nemen duurzaamheidscriteria op in hun aanbestedingen, maar de vraag is of ze niet iets te ver gaan.

CO2-scan en CO2-certificaten
De belangrijkste private afvalbedrijven die in Nederland actief zijn zijn Van Gansewinkel Groep en Sita. Zij moeten het hardst vechten om klanten binnen te halen en zij schermen dan ook het meest met allerlei duurzame producten. Zo kunnen klanten van Sita een zogenaamde CO2-scan laten doen. Hiermee kunnen ze uitrekenen hoeveel CO2 ze kunnen besparen door voor een meer duurzame afvalverwerking te kiezen. Sita reikt zelfs 'CO2-certificaten' uit, waarop staat vermeld hoeveel de besparing is. Zo is zo'n certificaat laatst uitgereikt aan elektronica-producent Asus. Die zou 243 ton CO2-uitstoot besparen. Niet bekend is of de maatregelen die uit de CO2-scan kwamen rollen al genomen zijn of dat die nog moeten worden genomen en of er nog iemand gaat controleren of die besparing ook werkelijk wordt gerealiseerd.

Wie controleert het Greenlabel?
Daarnaast heeft Sita, onderdeel van het grote Franse concern Suez, een zogenaamd Greenlabel in de aanbieding. Er zijn twee varianten: 'standard' en 'premium'. Klanten die kiezen voor Greenlabel standard krijgen van Sita de garantie dat hun afval 100% CO2-neutraal wordt opgehaald en verwerkt. Ze betalen hiervoor 0,6% extra. "Met deze bijdrage financieren wij gecertificeerde, duurzame energieprojecten, zoals windmolenparken, waterkrachtcentrales en zonnepanelen, via Climate Neutral Group", aldus business development manager Vincent Mooij van Sita.  
Klanten die voor het premiumproduct kiezen betalen 2,5% boven op de reguliere afvalrekening. In ruil daarvoor zorgt Sita niet alleen voor het CO2-neutraal verwerken van het afval, maar ook voor het verbeteren van de leefomstandigheden van arme mensen. Hiervoor werkt het bedrijf samen met hulporganisatie Care. Ook hier is niet bekend in hoeverre wordt gecontroleerd of er met het geld ook daadwerkelijk gebeurt wat er beloofd is.

Groencertificaten en CO2-footprint
Ook Van Gansewinkel groep timmert flink aan de weg. Klanten van dat bedrijf kunnen zogenaamde garanties van oorsprong krijgen. Zo ontvingen Landal GreenParks en Avans Hogeschool eind december deze garanties van oorsprong, die door overheidsorganisatie Certiq worden verleend op het moment dat er duurzame energie wordt opgewekt. De Van Gansewinkel Groep, waartoe ook AVR behoort, wekt naar eigen zeggen jaarlijks zo'n 500.000 MWh aan duurzame energie op uit afval en biomassa en verkrijgt daarvoor dus garanties van oorsprong. Die levert het bedrijf aan energiebedrijven (die ze nodig hebben om groene stroom te kunnen verkopen), maar nu dus ook aan klanten. Landal GreenParks en Avans Hogeschool konden hierdoor hun 'CO2-footprint' met respectievelijk 18.600 en 5.526 ton CO2 terugbrengen, zo meldt Van Gansewinkel. Het voordeel van het gebruik van garanties van oorsprong is in ieder geval dat klanten zeker weten dat die terecht zijn verdiend, want Certiq hanteert daarvoor strenge criteria.

Cradle-to-cradle
Daarnaast zet de Van Gansewinkel groep volop in op hergebruik van afval, ofwel cradle-to-cradle, zoals dat tegenwoordig zo mooi heet. Het bedrijf hanteert zelfs de slogan; 'Afval bestaat niet'. Op de beurs Facilitair, die vorige week in Den Bosch is gehouden, maakte Van Gansewinkel bekend dat het gaat samenwerken met Desso (vloerfabrikant) en Ahrend (kantoorinrichting) bij het maken van kantoormeubilair en vloeren uit afval.

Een windmolenpark te ver
Natuurlijk laten niet alleen private afvalbedrijven zich voorstaan op hun duurzaamheid; ook publieke afvalbedrijven zetten hun beste beentje voor. Een korte blik op de websites van bijvoorbeeld HVC en Twence leert dat de bedrijven bol staan van de duurzame initiatieven. Zo investeert HVC in de bouw van een windmolenpark in het Duitse deel van de Waddenzee. Vraag is echter of dat niet te ver gaat. Een dergelijke investering is risicovol, heeft niets met de kerntaken van een afvalbedrijf te maken en kan net zo goed door private investeerders worden opgepakt. Bovendien blijken nu, behalve de gemeenten die eigenaar zijn van HVC, ook waterschappen met een klein belang in HVC te investeren in windmolenprojecten. Vraag is of de belastingbetalers van die waterschappen (en de gemeenten trouwens ook) daar blij mee zijn. Geen wonder dat bestuurders vraagtekens hebben gezet bij deze investering.

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn