VME: uitslag verkiezingen biedt perspectief op verplicht aandeel duurzame energie

9 juni 2010 - PVV en VVD hebben flink gewonnen gisteren. Vertaald naar het energiebeleid zegt een groot deel van de bevolking dus: weg met energiesubsidies. Aan de andere kant hebben Groenlinks en D66 ook gewonnen. Er lijkt dus, bij een ander significant deel van de bevolking, draagvlak te zijn voor duurzaam energiebeleid. Branche-organisatie VME concludeert hieruit dat er ruimte is voor een verplicht aandeel duurzame energie; dat kost weinig maar levert veel duurzame energie op.

Gaat VVD linksom of rechtsom?
Hoe het energiebeleid eruit gaat zien hangt natuurlijk helemaal af van de coalitie die dadelijk gaat regeren. Er lijken twee opties te zijn: VVD, CDA en PVV (met misschien nog een kleine partij), of 'paars plus' (PVDA, VVD, Groenlinks en D66). Beide coalities zouden zich, op energiegebied, kunnen vinden in de introductie van een verplicht aandeel duurzame energie. Rechts is blij dat het niets kost en links is gecharmeerd van de zekerheid dat het tot een bepaald aandeel duurzame energie leidt. Alle politieke partijen denken erover om de huidige SDE, die klauwen vol met geld kost, in te ruilen voor een verplichting. Ze hebben daarom de gevolgen van zo'n verplichting al door laten rekenen door het CPB, zo zegt André Jurjus van de VME. VME vertegenwoordigt de bedrijven Oxxio,  RWE, Eon en Electrabel.

Ambitie verbinden met draagvlak
Het is een kolfje naar de hand van de VME, want die is al lang voorstander van zo'n verplichting, die maakt dat een bepaald aandeel van de stroom die bedrijven als Nuon en Essent leveren duurzaam moet zijn. Dit aandeel kan oplopen in de loop van de tijd. Het voordeel is volgens Jurjus dat bedrijven dan zelf kunnen kiezen tussen verschillende vormen van duurzame energie. Er ontstaat concurrentie bij de aanbieders en dat is goed. Er zal over het algemeen gekozen worden voor goedkope methoden als de bijstook van biomassa en de plaatsing van windmolens op land. Die kunnen al aardig concurreren met grijze stroom. Jurjus ziet "mogelijkheden om de ambitie te verbinden met het draagvlak in de samenleving".

Stemmen met de voeten
Een ander voordeel is dat consumenten met hun voeten kunnen stemmen door over te stappen naar bedrijven die zich onderscheiden met bepaalde vormen van duurzame energie. Nu, met de SDE-regeling, bepaalt de regering hoeveel geld er naar zonne-, wind-, waterkracht- en biomassa-energie gaat. Een heel star systeem dus. De huidige regering had zich trouwens voorgenomen om de kosten van de SDE bij de energieafnemer in rekening te brengen en niet langer te financieren met belastinginkomsten. VME is hier geen voorstander van; ook omdat de consument dan geen invloed meer heeft op de keuzes, maar wel betaalt.

Level playing field staat op de tocht
Sommige partijen (SP en Groenlinks) hadden in hun verkiezingsprogramma's staan dat er een producentenverplichting moet komen. VME vertegenwoordigt drie grote producenten en het is dan ook niet verwonderlijk dat de organisatie hier tegenstander van is. Er is een Noordwest-Europese markt en zo'n kostenpost voor de Nederlandse producenten zou tot een ongelijk speelveld leiden, zo stelt Jurjus. Hetzelfde geldt overigens voor de anti-kolenwet die recentelijk door Groenlinks is ingediend (belasting op het gebruik van kolen door energieproducenten). Die wet, die mogelijk de komende dagen nog door het oude Parlement behandeld wordt, leidt ook tot een ongelijk speelveld. Niet duidelijk is het overigens of een meerderheid voor is.

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn