VEMW wil minder ambitieuze klimaatdoelen en geen grote baksteenprojecten

6 juli 2010 - De belangenorganisatie van de energie-intensieve industrie VEMW wil dat Nederland de Europese klimaatdoelstellingen aanhoudt en niet de doelen die de regering tot nog toe hanteerde. Omdat die Europese doelen minder ambitieus zijn, scheelt dat veel geld: 1,4 miljard euro per jaar, zo berekende de organisatie. Ook wil de VEMW dat reductie van CO2-uitstoot leidend wordt in het beleid en dat de inspanningen op het gebied van energiebesparing en hernieuwbare energie gezien worden als middelen om dit te bereiken, en niet als doelen, zo staat in een stuk dat de organisatie naar buiten heeft gebracht.

Dure doelen
Nederland had tot nog toe als doel: 20% duurzame energie in 2020 (van het totale energieverbruik), terwijl ons land van Europa niet verder hoeft te gaan dan 14% (van het finale energieverbruik). Daarnaast wilde Nederland altijd een CO2-reductie van 30% in plaats van de 20% die Europa voorschrijft, hoewel de regering daar de laatste tijd een beetje vaag over doet. Het halen van die doelen kost veel geld: met name aan subsidies om duurzame energie-bronnen als wind op zee of zonne-energie te stimuleren. Volgens VEMW zullen de kosten vanaf 2020 4,9 miljard euro per jaar bedragen, tegen 3,5 miljard euro als de Europese doelen worden aangehouden.

Transparantie
VEMW wil ook dat kosten van het klimaatbeleid explicieter worden gemaakt. Nu zijn die nog voor een deel verborgen. Behalve de directe kosten, zoals subsidies, zijn er namelijk ook veel indirecte kosten, zoals de aanleg van een hoogspanningsnet op zee om nieuwe windmolenparken aan te sluiten (5 tot 11 miljard euro), de aanpassing van netwerken op land en de investeringen in back-up capaciteit, die nodig is voor als de wind niet waait of als de zon niet schijnt (4,4 miljard euro). In totaal kost het klimaatbeleid ons in de jaren 2010-2020 zo'n 27,5 miljard als daarmee Europese doelen gehaald worden, terwijl we zo'n 50% meer kwijt zijn als we vasthouden aan Nederlandse ambities.

Tegen nieuwe maatregelen
Een hoop geld dus, en dat in een tijd dat we zuchten onder een financiële en economische crisis. Natuurlijk, klimaatbeleid kan ook geld opleveren; daar besteedt de VEMW geen aandacht aan. Maar dat zal, aan de andere kant, niet veel zijn als elke cent subsidie naar het buitenland verdwijnt, zoals met de subsidie voor wind op zee het geval is. Opvallend genoeg wil de VEMW wel vasthouden aan de tenderprocedure, die hiervoor verantwoordelijk is. De organisatie spreekt zich uit tegen een extra heffing op de energierekening om het klimaatbeleid te financieren. En de grootverbruikers zijn ook tegen een andere maatregel die er aan zit te komen: namelijk een verplicht aandeel duurzame energie. Die leidt tot grote windfall profits voor energiebedrijven, zo stelt de organisatie.

Geen bakstenen
De VEMW wil verder dat er minder massaal wordt ingezet op het bouwen van zo veel mogelijk megawatten aan windmolens op zee of zonnecellen op het dak. "Die gemaakte kosten blijken vaak op langere termijn een slechte investering, omdat de stand van de techniek is voortgeschreden en/of nieuwe inzichten opgeld doen". Zo'n beleid leidt tot onrendabele projecten ('bakstenen'). Bovendien leidt de productie van zo veel mogelijk duurzame energie in korte tijd tot lage prijzen van uitstootrechten (omdat er geen schaarste meer is aan die rechten) en dat remt investeringen in bijvoorbeeld energiebesparing af. Het leidt er ook toe dat bijvoorbeeld warmtekrachtkoppeling (WKK) geen kans krijgt. Zonder een goede prijs voor de uitstootrechten is die combinatie van warmte en stroomopwekking al gauw te duur.

Al doende leren
Wat wil de organisatie wel? Louter aandacht voor het CO2-doel. Reductie van CO2-uitstoot om de opwarming van de aarde tegen te gaan, daar gaat het ten slotte allemaal om. Stimulering van duurzame energie en energiebesparing zijn daarbij middelen en geen doelen op zich. Het geld moet zo efficiënt mogelijk worden ingezet om dat CO2-doel te halen. Dus als alles het goedkoopst te halen is via energiebesparing, vooral doen. De organisatie wil zoveel mogelijk bestaande technieken inzetten, zoals WKK en kernenergie. Subsidies voor duurzame energie (SDE) mogen blijven bestaan maar in beperkte mate, zodat we langzaam kunnen leren van de projecten die zijn opgestart.

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn