Klimaatgeschiedenis, deel 2: Het Westen heeft het niet meer voor het zeggen

26 augustus 2010 – Er was dus een actieplan, na de conferentie op Bali. Daarna volgden veel bijeenkomsten op ambtelijk en ministerieel niveau, zo vervolgt oud-minister Jacqueline Cramer haar interessante geschiedenisles. Denemarken, die de volgende conferentie zou organiseren, had inmiddels de ‘Groenland-dialoog’ opgezet. Een aantal landen, een goede afspiegeling van de wereld, hebben zo’n vijf/zes keer onderhandeld in dit kader. Het vertrouwen groeide. Meer en meer gingen ook de wereldleiders zich met het probleem bemoeien. In gremia als de G8 en de G20 kwam het onderwerp aan de orde.

Cramer regelt het geld
“Ik vond dat verheugend”, zo zei Cramer. “Het was voor het eerst dat wereldleiders zich op dit niveau gingen bezighouden met het klimaatprobleem”. Het probleem was dat iedereen op elkaar zat te wachten. Cramer werd daar onrustig van en daarom besloot ze dat Nederland zich zou richten op de financiering, op een informele manier, door het  sturen van ‘non-papers’. Op die manier wilde ze het proces onder druk zetten. Dat heeft volgens Cramer een “positieve uitwerking” gehad. “Op het gebied van financiering zijn stappen gezet” (wat ons waarschijnlijk veel geld gaat kosten, maar dat terzijde).

Seal the deal, not
Het Europese emissiehandelstelsel werd verder opgetuigd. “Wij hadden ons huiswerk gedaan. Wij waren klaar voor de conferentie in Kopenhagen van eind 2009. Het was slechts een kwestie van seal the deal”, zo dacht Cramer. Niet dus. “Vlak voordat de conferentie begon, werd het mij duidelijk dat het niet zo lukken. President Obama moest met meel in de mond praten omdat hij zonder instemming van het Congres geen toezeggingen mocht doen. Dat was eerder fout gegaan (bij het het Kioto-verdrag, waar het congres niet mee heeft ingestemd). De  spanningen liepen op. De ontwikkelingslanden hadden zoiets van: “Now, it’s our turn”. “De wereld van de één-en-twintigste eeuw is niet meer dezelfde als die van de twintigste eeuw. Landen als China, India, Brazilië en in zekere mate Zuid-Afrika eisen macht op”, aldus Cramer. “Dat gaat niet meer weg.”

Akkoord op achternamiddag
“Het was naïef van Europa om te denken dat het voor elkaar zou komen. Milieuministers kunnen belangrijk zijn, maar de echte beslissingen worden genomen door de wereldleiders. Allerlei onderhuidse spanningen kwamen aan de oppervlakte. Er waren anti-kapitalistische landen als Venezuela, Nicaragua, Cuba en Libië die “de zaak voortdurend traineerden”. En ook de olieproducerende landen werkten niet echt mee.  “We waren weer helemaal terug bij af. We kregen er niets doorheen. We voelden ons machteloos. Ter plekke werd er een klimaatakkoord geschreven, op een achternamiddag. Dat is ook uniek in de geschiedenis”, zo zegt Cramer.

Wel/geen resultaat
Volgens Cramer was het resultaat van de conferentie in Kopenhagen mager, maar is er nog wel iets van een resultaat. De 2 graden doelstelling staat er (weer) in, de ernst van het klimaatprobleem wordt door iedereen onderschreven, de reductie-doelstellingen zouden binnen een maand aan de VN worden doorgegeven en er was redelijke consensus of de financiering (dankzij Nederland dus, zo stelt Cramer). Ook op het gebied van het behoud van de bossen (‘Radd’) was het één en ander bereikt. De beloftes zijn echter niet voldoende om een reductie van 25 tot 40% te halen die nodig is om de opwarming binnen de grens van 2 graden te houden, zo geeft ook Cramer toe. Andere sprekers op het congres woensdag in Rotterdam zeiden simpelweg dat het resultaat van Kopenhagen nul komma nul is.

Schoon en zuinig op de helling
Ook de verwachtingen voor het volgende congres in Cancun, Mexico, zijn niet al te hoog gespannen. “Ontwikkelingslanden houden hun poot stijf. Ik hoop op een stap vooruit, maar ik verwacht geen akkoord”, zo zei Cramer, die teleurgesteld overkomt. Volgens haar was haar eigen beleid altijd op de lange termijn gericht, maar beseffen belangrijke partijen niet dat dit lange-termijn belang ook hun belang is. “Politici zijn bang dat als ze niet herkozen worden als ze te ver voor de muziek vooruit lopen.” Haar eigen klimaat-  en milieuprogramma ‘Schoon en zuinig’ is volgens haar een goed programma, gericht op de lange termijn. Als de PVV een rol in het milieubeleid krijgt dan zal dat echter op de helling gaan. Cramer heeft de hoop gevestigd op de lokale overheden. “Laten we hopen dat klimaat geen onderdeel uitmaakt van het gedoogakkoord”,  zo zei voorzitter Stef Dessens in dat kader tegen Energieenwater.net.

Er zullen ook  verliezers zijn
De keuze tussen lange termijn en korte termijn speelt volgens Cramer overal. Maar is uiteindelijk echt iedereen gebaat bij het nemen van klimaatmaatregelen of is het een kwestie van verschillende belangen? Cramer is er zelf ook nog niet uit, want aan het begin van haar verhaal stelde ze dat we een transitie naar een duurzame energie moeten maken en dat niet iedereen daar belang bij heeft. Ook Donald Pols van het Wereld Natuurfonds liet zich op het congres in die zin uit. "We hebben te lang gedacht dat de transitie een win-win-situatie is. Maar er zullen ook verliezers zijn", zo zei hij woensdag. "En de olie en kolenindustrie is zo’n verliezer."

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn