Duurzaamheidswensen Kamer stuiten op woordenbrij van 'irritante' Atsma

26 januari 2011 - Staatssecretaris Atsma van Milieu begon vanochtend behoorlijk op de zenuwen te werken van sommige Kamerleden. Hij lijkt er een sport van te maken om vragen expres verkeerd uit te leggen waarna hij lang blijft praten zonder een antwoord te geven op de vraag. Ook verwijst hij bij vragen constant naar andere bewindslieden en naar toekomstige debatten die een meer geschikte gelegenheid zouden zijn om over het onderwerp te praten. Diederik Samsom werd het allemaal teveel en zei ronduit dat Atsma irritatie begon op te wekken.

Drie keer geen scheepsrecht
Atsma gaf tot drie keer toe geen antwoord op de simpele vraag van Samsom of hij bereid is om het goede voorbeeld te geven door er voor te zorgen dat de Rijksoverheid alleen auto's met een A-label aankoopt, energiezuinige auto's dus. Atsma haalde er van alles bij: het was aan de overheden zelf was om die beslissing te nemen, aan de elektrische auto kleven ook veel nadelen, een vrachtwagen is iets anders dan een personenauto, en later zouden we over duurzame inkoop komen te spreken. Bladibla. Samsom merkte, geïrriteerd op dat hij hier en nu, in dit debat, van Atsma wil weten of het kabinet, waar Atsma zelf over gaat, bereid is om energiezuinige dienstauto's aan te schaffen. Een antwoord kreeg hij niet.

Houdt rekening met de strandauto
Later kwam het onderwerp weer ter sprake want Groenlinks Kamerlid Niels van den Berge (de opvolger van Halsema als Kamerlid) diende een motie in waarin de regering wordt opgeroepen om alleen auto's met een A en B-label te kopen. Atsma hanteerde zijn gebruikelijke tactiek met het optrekken van veel mist. 'Er worden nu al slechts auto's met een A- en B-label gekocht', zo zei Atsma (dat slaat echter alleen op dienstauto's terwijl de motie van Van den Berge alle voertuigen betreft, wat Atsma waarschijnlijk goed wist). 'Maar de overheid beschikt ook over auto's die nodig zijn voor op het strand' (in de motie is een uitzondering voor dat soort gevallen opgenomen, wat Atsma waarschijnlijk ook heel goed wist); het maakt zo'n debat heel vermoeiend.

Transparantie
Het ging er vaak zo tergend vervelend aan toe, vanochtend bij het debat over de implementatie van een aantal Europese richtlijnen over biobrandstoffen, duurzaam inkopen en emissie-eisen voor de transportsector. De richtlijn schrijft voor dat oliebedrijven het aandeel biobrandstoffen langzaam verhogen naar 10% in 2020. De bedrijven (een stuk of 10 in Nederland) moeten daartoe rapporten overleggen aan de Nederlandse emissieautoriteit. Een groot deel van de Kamer (VVD, CDA, SP) wil dat de informatie per bedrijf openbaar wordt. Ook de Commissie Corbey die daar onderzoek naar gedaan heeft pleitte daarvoor. Atsma bleef erop hameren dat hij geen voorstander was het twee keer per jaar opstellen van zo'n rapport, wat dus helemaal niet het punt was. Atsma wilde niets en kon niets.

Tegenstrijdige argumenten
René Leegte van de VVD hield zijn vertrouwde betoog om het aandeel biobrandstoffen in autobrandstoffen sneller te laten toenemen tot de 10%. Atsma is tegen. Reden is dat het zou leiden tot een toename aan biobrandstoffen van de eerste generatie, terwijl we beter kunnen wachten tot het beschikbaar komen van biobrandstoffen van de tweede generatie (uit afval en niet-voedselgewassen). Even later pleitte Groenlinks ervoor om alleen nog maar tweede generatie biobrandstoffen toe te staan, die volgens deze partij allang beschikbaar zijn, maar ook daar was Atsma tegen omdat daardoor bepaalde waardevolle biobrandstoffen van de eerste generatie zouden worden uitgesloten. Dat lijkt dus tegenstrijdig.

Papieren tijger
Jansen van de SP wil dat de controle van de overheid op de mate waarin oliemaatschappijen echt bijmengen niet alleen een papieren controle is maar dat er ook fysiek gecontroleerd moet worden. Atsma wilde er echter niet aan, hoewel hij in een debat van een paar dagen geleden, toen het ging over de brand in Moerdijk, wel vond dat er meer fysiek gecontroleerd wordt. Ook zou je aan de benzine zelf niet kunnen zien of die al dan niet deugt, zo suggereerde Atsma. Onzin, zo merkte Jansen op. Atsma meldde verder dat er zich maar liefst tien mensen met die papieren controle gaan bezighouden. Die mensen zijn in dienst van zowel bij het ministerie van Vrom als de Nederlandse Emissieautoriteit. Voeg ze samen, zo zei Jansen.
Bijkomend probleem voor de controle is dat biobrandstoffen blijkbaar ook in het buitenland bijgemengd kunnen worden, waarna deze nieuwe brandstof dan in Nederland wordt geïmporteerd. Dan is het natuurlijk helemaal onmogelijk om vast te stellen of er wel echt biobrandstof is bijgemengd. Oftewel: dan weet je zeker dat een groot deel van de brandstoffen niet echt duurzaam is. Atsma vond dit echter onvermijdelijk.

Vaste biomassa
Het debat ging ook nog deels over vaste biomassa, die bijvoorbeeld gebruikt wordt in energiecentrales. Hiervoor hoeven van Europa geen criteria te worden opgesteld. Een onbevredigende zaak, zo vindt een deel van de Kamer. Atsma deed hier zowaar een toezegging. Hij gaat er bij zijn collega Verhagen op aandringen dat die er iets over zegt in de brief over het nieuwe energiebeleid, die in april komt. Overigens moet de biomassa van bedrijven die in aanmerking willen komen voor SDE-subsidie wel aan bepaalde criteria voldoen. Er wordt daarnaast bijvoorbeeld ook biomassa in de chemische industrie gebruikt. Het zou echter niet mogelijk zijn om de import van niet duurzaam geproduceerde biomassa in het geheel te verbieden; dit in het kader van WTO-afspraken. Wat dan precies het nut is van het opstellen van criteria voor vaste biomassa is niet helemaal duidelijk.

Alle grondstoffen moeten duurzaam zijn
Toch grijpt de trend om bij alle grondstoffen te kijken naar de duurzaamheid steeds meer om zich heen. Er is een commissie Heemskerk aan het werk die kijkt naar de sociale- en milieu-aspecten bij de winning van kolen. Woensdag kwamen in een ander debat ook de bedenkelijke praktijken van Shell in Nigeria uitgebreid aan de orde in de Kamer. Groenlinks pleit er voor om duurzaamheidscriteria voor alle grondstoffen op te gaan stellen en diende hiertoe samen met D66 en PVDA een motie in. Dit zou aan bezwaren van Atsma tegemoet komen, zo zei Van den Berge slim. Want Atsma had eerder gewezen op het ongelijke speelveld met fossiele brandstoffen dat ontstaat als we alleen duurzaamheidscriteria voor biomassa opstellen. In plaats van af te zien van deze laatste criteria om de gelijkheid veilig te stellen kunnen we ook criteria voor alle brandstoffen gaan opstellen. Het lijkt nog maar een kwestie van tijd te zijn of ook de omstandigheden bij de winning van gas worden onder de loep genomen.

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn