Draak van een richtlijn wordt nog drakeriger: verplichte energiebesparingsdoelen

2 maart 2012 - Een belangrijke commissie van het Europees Parlement heeft deze week voor het verplicht maken van de Europese besparingsdoelstellingen gestemd. Dat gebeurde in het kader van de behandeling van de richtlijn Energiebesparing die de Europese Commissie heeft opgesteld. Er waren maar liefst 1800 amendementen, die uiteindelijk resulteerden in 18 zogenaamde 'compromissen'.

Draak
De richtlijn komt in aanmerking voor de meest geamendeerde richtlijn ooit, zo merkte CDA-Kamerlid Marieke van der Werf al eens op. Niet gek, want het is echt een draak van een richtlijn die alles op energiegebied wil regelen wat er maar geregeld kan worden. En dat terwijl er niet eens een goede discussie heeft plaats gevonden over vraag of de tentakels van de EU zich wel moeten gaan uitstrekken tot over het energiebeleid. Het subsidiariteitsbeginsel ('regel op het niveau van lidstaten wat daar geregeld kan worden') wordt op deze maner wel overboord gegooid. Vraag is ook of het er allemaal minder 'drakerig' op wordt met die 1800 amendementen en compromissen, want de teksten van de Commissie worden er tien keer zo lang door (89 halve pagina's aan wetstekst, alleen al de 'compromissen').

De Kamer wikt, Europa beschikt
Het verplicht maken van de energiebesparingsdoeleinden is wel de meest opmerkelijke wijziging. De Europese Commissie wilde het doel van 20% energiebesparing, dat nu nog vrijwillig is, pas bindend maken als er te weinig vooruitgang wordt geboekt met het besparen van energie in de lidstaten. Maar de Industrie, onderzoek en energiecommissie van het Parlement wil dus verder gaan. In Nederland is daar al jaren veel over te doen. De regering en de regeringspartijen zijn fel tegenstander, de oppositie is voor. De regering wil naast de bestaande doelen van 20% CO2-reductie en 14% duurzame energie in 2020 niet nog een extra doel. Overigens mogen de doelen van de lidstaten wel weer verschillen van elkaar, zo vindt het Parlement, zolang er voor de EU maar een besparing van 20% uitrolt. Het Parlement wil verder ook dat er voor 2030 opgesteld gaan worden.

Goed wegkomen
Er is zelfs al een hele tabel opgesteld, waarin de doelen per lidstaat voor 2020 zijn vastgesteld. Voor Nederland rolt er een besparing uit van 17,7 miljoen ton aan olie-equivalenten uit (dus de energie die gelijk is aan zoveel ton olie). Frankrijk, Duitsland, Italië en Groot-Brittannië nemen het grootste deel van de beoogde energiebesparing voor zijn rekening: 69, respectievelijk 59, 49 en 48 miljoen ton. Overigens is dat niet ten opzichte van een bepaald basisjaar of van wat het nu is, maar ten opzichte van wat het 'anders' zou zijn geweest in 2020. Dus als er nu minder verbruikt wordt hoeft er ook minder bespaard te worden. Hoe berekend is wat het verbruik anders zou zijn geweest is niet duidelijk. Voor Europa als geheel zou het verbruik in 2020 'anders' ruim 1800 miljoen ton aan olie-equivalenten zijn, waarvan nu dus in totaal zo'n 360 miljoen ton bespaard moet gaan worden. Mij zegt het allemaal niets; u ook niet waarschijnlijk.

Andere toestanden
Ook over al die andere onderwerpen van de richtlijn, waarover we al veel geschreven hebben, zijn amendementen ingediend. Elke maand moet er een elektriciteitsnota gestuurd worden en elke twee maanden een gasnota, gebaseerd op het werkelijke verbruik (beetje lastig als de slimme meter niet is geïnstalleerd). Verder moeten mensen makkelijk toegang hebben tot energie-adviseurs en moeten grote bedrijven elke vier jaar een energie-audit laten uitvoeren. Lidstaten moeten gedetailleerde routekaarten voor de aanleg van warmte- en koudenetten gaan opstellen, waar ingewikkelde kostenbaten-analyses aan ten grondslag liggen. Verder is er ook een heel nieuwe hoofdstuk over financiering van energiebesparende maatregelen ingevoegd. De financiering zou moeten komen van boetes die opgelegd worden als lidstaten zich niet aan de bepalingen van de richtlijn houden.

Etcetera
Het percentage van het vloeroppervlak van overheidsgebouwen wat door de overheid jaarlijks gerenoveerd moet worden is nu weer 2,5% in plaats van de eerder genoemde 3,5%. Overigens staat er nog steeds overheidsgebouwen (owned by public bodies) en niet gebouwen van de Rijksoverheid. Minister Verhagen stelde in een eerder debat dat de richtlijn nu nog alleen maar betrekking heeft op gebouwen van de Rijksoverheid, en dus niet van gemeenten en dergelijke. En zo zijn er nog veel meer regels. Het is weer teveel om allemaal op te noemen.

Set een beetje aside
Vermeldenswaardig is wellicht nog dat de Industrie-commissie ook voor een zogenaamde set-aside heeft gestemd. De gedachte is dat de Commissie het aantal emissierechten dat de komende jaren beschikbaar wordt gesteld flink vermindert, om zo de prijs van CO2-rechten, die gedaald is tot onder de 10 euro per ton, weer wat op te krikken. Opvallend is dat de tekst die nu gebezigd wordt een flinke afzwakking is in vergelijking met een eerdere tekst, van een andere commissie. Toen werden er nog concrete getallen genoemd: het aantal rechten zou moeten worden verminderd met 1,4 miljard en het percentage waarmee het aantal rechten jaarlijks afneemt moest omhoog van 1,74% naar 2,25%, aldus een andere Commissie in een eerdere stemming. Nu heet het dat het Parlement de Europese Commissie vraagt om te kijken of het aantal rechten kan worden verminderd, nog voordat de derde fase van het emissiehandelsstelsel van start gaat, in 2013.

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn