Structuurvisie wind laat op zich wachten door onenigheid tussen provincies en Rijk

20 maart 2012 - De structuurvisie voor wind op land, die het kabinet al tijden geleden heeft aangekondigd, laat nog wel even op zich wachten. Reden is onenigheid tussen de Rijk en provincies over wie nu eigenlijk zeggenschap heeft over de openbare ruimte. Het Rijk wil 6000 MW aan windmolenparken in Nederland gaan neerzetten. De provincies onderschrijven die doelstelling wel, maar over de plekken waar die parken dan moeten komen is geen overeenstemming, zo zegt Jaap Warners van de NWEA tegen Energieenwater.net.

Krachtenbundeling
Uiteindelijk kan het Rijk zijn zin doordrijven op basis van de Crisis en herstelwet. Partijen in de windenergie-markt kunnen het Rijk, met voorbijgaan aan lokale overheden, direct verzoeken om een vergunning. Kleine partijen in bijvoorbeeld Friesland zijn nu al hun krachten aan het bundelen om samen boven de 100 MW aan vermogen uit te komen, om zo direct naar het rijk te kunnen stappen. De provincies zijn daar natuurlijk niet blij mee. Volgens Marten van der Gaag van het IPO (provincies) kan het Rijk niet zomaar voorbij gaan aan de ruimtelijke ordeningstaak van de provincies.

Meters maken
In 2020 moet 'van Europa' 14% van de energie in Nederland van Europa duurzaam worden opgewekt, een doelstelling die Nederland vrijwel zeker niet gaat halen. De bouw van parken op zee is stopgezet vanwege 'te duur'. Om toch zo dicht mogelijk in de buurt te komen zet het kabinet volop in op de bouw van windmolenparken op land omdat dat een relatief goedkope optie is. Maar liefst 6000 MW aan vermogen moet er op land komen in 2020. Het Rijk heeft dus zelf ook een voorkeur voor de bouw van grote windmolenparken, om zo snel meters te kunnen maken. De provincies zien liever kleine parken her en der verrijzen.

Voorkeur
Het heeft de voorkeur als provincies en het Rijk tot overeenstemming komen, zo zegt Warners. "Dat vergroot de kans dat de parken er ook echt komen". Maar de grote vraag is dus waar al die molens moeten komen in het volle Nederland. Uiteindelijk zal er overeenstemming moeten zijn over een soort combinatie van grote en kleine parken, zo zegt Warners. In de structuurvisie moeten de plekken komen te staan waar de windmolenparken straks gaan verrijzen. Er moet zelfs voor meer dan 6000 MW aan ruimte worden aangewezen, want de Plan-Mer, die volgt op de structuurvisie, moet ook ruimte bieden voor alternatieven.

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn