Hij is af, na acht jaar: een heuse, professionele, werkende (hopelijk) Warmtewet

13 juli 2011 - In 2003 kwamen de CDA-Kamerleden Jan ten Hoopen en Jos Hessels met hun initiatief-wetsvoorstel om mensen met een aansluiting op een warmtenet te beschermen. Ten Hoopen struinde in die tijd benauwde zaaltjes in het land af om uitleg te geven over de wet. Na ontelbare wijzigingen, zelfs in de namen van Kamerleden die als indiener te boek staan, werd de wet in 2008 en 2009 aangenomen door de beide Kamers. 'Gewogen en te licht bevonden', zo was vervolgens het oordeel van het ministerie van Economische Zaken. Maar nu is ie dan eindelijk af.

Een Warmtebesluit en een Warmteregeling waren al naar de Kamer gestuurd; nu is ook de wet zelf bekend. De wet hoeft nu alleen nog maar aangenomen te worden door de Tweede en Eerste Kamer. Die hebben er waarschijnlijk echter hun buik van vol, dus die zullen met niet teveel eisen meer komen. Hieronder een overzicht van de wijzigingen ten opzichte van de oorspronkelijke Warmtewet.

• De wet is alleen nog maar geldig voor afnemers met een aansluiting van minder dan 100 kW en niet meer voor iedereen met een aansluiting van minder dan 1000 kW zoals de Kamer had bepaald. De reden is dat er anders ook middelgrote bedrijven onder zouden vallen en voor hen zou het lastig worden een maximum-tarief vast te stellen.

• Een van de twee tarieven uit het oorspronkelijke voorstel vervalt, namelijk de zogenaamde redelijke prijs. De maximumprijs blijft over. Die prijs is gebaseerd op het Niet-meer-dan-anders principe. Het bestaan van twee tarieven voor het bepalen van het maximum werd als te verwarrend gezien. Zie hier voor de manier waarop het tarief word berekend.

• Wel gaat de NMA in de gaten houden of de energiebedrijven niet een te hoog rendement halen, via een tweejaarlijkse rendementsmonitor. Als die daartoe aanleiding geeft zal een rendementstoets worden gehouden. Op basis daarvan kunnen tarieven naar beneden worden bijgesteld. Opmerkelijk is dat de artikelen over de toets niet in werking treden omdat er nu geen aanleiding is te veronderstellen dat de rendementen te hoog zijn. Overigens gaat het om het rendement over alle projecten van een leverancier en niet over dat van individuele projecten. Grote winsten op het ene net kunnen dus aangewend worden om verliezen op een ander net te compenseren.

• Indien een leverancier het laat afweten kan de minister ingrijpen door een stille curator te benoemen. Als het echt uit de hand loopt, kan de minister beslissen om een noodleverancier aan te wijzen (was al geregeld), die nu ook het beheer over het warmtenet krijgt (was nog niet geregeld). De minister kan nu ook een noodproducent aanwijzen die warmte gaat leveren aan de noodleverancier en zelfs beslissen dat er een gasnet moet worden aangelegd.

• Afnemers hebben recht op een warmtemeter, tenzij het "ter beschikking stellen technisch onmogelijk is of financieel niet redelijk is".  De regels met betrekking tot het meten van het warmte-gebruik zijn min of meer gelijk getrokken met die voor het meten van gas- en stroomverbruik. Zo mag de afnemer een op afstand uitleesbare meter weigeren. Het meettarief is gebaseerd op dat voor mensen met een gasaansluiting.

• Afnemers van warmte worden niet meer met terugwerkende kracht gecompenseerd voor wat ze teveel hebben betaald in het het verleden.

• Overtredingen van de wet vallen niet meer onder de wet Economische delicten maar worden bestraft via het opleggen van bestuurlijke boetes (last onder dwangsom en zo).

• Er wordt ten behoeve van de wet geen lijst meer opgesteld van representatieve organisaties, ook niet voor de Gaswet en de Elektriciteitswet trouwens.

• Het bedrag dat een koper van nieuw huis betaalt voor aansluiting op een nieuw warmtenet wordt niet mee gerekend bij het bepalen van de maximumprijs. Het argument hiervoor is dat dit bedrag tot stand komt in de vrije markt. (Dat argument deugt niet. Want het gaat erom dat iemand met een aansluiting op het warmtenet niet meer betaalt dan als hij een gasaansluiting had gehad. Dan moeten alle kosten worden meegenomen, of ze nu in de vrije markt tot stand komen of niet).

• De kosten van iemand die wordt aangesloten op een bestaand net worden ook niet meegenomen, maar daar geldt wel een maximum voor. Die kosten mogen niet hoger zijn dan de kosten van de aanleg van een gasaansluiting.

• Er komt een geschillencommissie

• De NMA mag informatie van warmteleveranciers opeisen en leveranciers moeten een vergunning aanvragen

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn