Hoe de slag om een duurzaam Nederland verzandde in de achterafkamertjes van het SER-gebouw

17 april 2013 - De tijdlijn staat al maanden vol met tweets over het SER-overleg over energie, met de onmogelijke hashtag #enakkser. Dan weer gaat de een naar een overleg, dan weer de ander. Heel irritant, want de twitteraars zeggen tegelijkertijd niets over wat daar allemaal bekokstoofd wordt. Dat hebben ze zo afgesproken. Het zijn al echte polderaars geworden. Maar hé, duurzame energiesector, we zouden het toch anders doen: transparant zijn en zo?

Erbij horen
Het overleg bij de SER heeft op de mensen uit de duurzame energiesector mogelijk dezelfde uitwerking als dit soort overleggen altijd heeft op mensen. Ze voelen zich er belangrijk door. Meedoen is van meer belang dan de uitkomst die er straks uit komt rollen. Ik zie de zelfvoldane gezichten van de mensen van het sociaal akkoord van vorige week weer helemaal voor me.  'We zitten weer aan tafel', zo zei er een glunderend. De inhoud van het akkoord deed er niet toe, het ging erom dat hij aan tafel zat. Maar hij had vast een of ander puntje dat al sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw op tafel ligt binnen gehaald.

Ambtenarenaanpak
Er zijn allerlei werkgroepen ingesteld bij het SER-overleg over energie; een typische ambtenarenaanpak die we kennen van het Topsectorenbeleid. Het is de aanpak van Droogstoppel: alles indelen om er een labeltje op te kunnen plakken. Ieder werkgroepje buigt zich over een klein deelaspectje van het energiebeleid. De kans op fragmentatie is maximaal en de kans op een coherente visie minimaal. Het is dé manier om iets te laten verzanden en te laten uitmonden in een onleesbaar rapport met een hoofdstuk 3.4.3. Het zou me niet verbazen als de aanpak er gekomen is op instigatie van het ministerie van Economische Zaken.

Veldslagen
De grote lijn wordt uit het oog verloren. Het gaat alleen nog maar over details. Hele veldslagen worden gevoerd over de vraag of een percentage 3,4 of 3,5% moet zijn. En het gaat over geld. Want de transitie naar een duurzame energiehuishouding moet in Nederland wel op een budget-neutrale wijze plaatsvinden. Nu staat het lobby-circus opgesteld bij de SER, straks als het SER-rapport af is verhuist het naar de ministeries en daarna, als er wetgeving is opgesteld, naar het Parlement. En steeds opnieuw brengen dezelfde mensen dezelfde puntjes in. Dat gaat nergens meer over.

Bredere blik
Discussie over de transitie naar duurzaamheid horen in het Parlement thuis. Daar zitten mensen die door iedereen in Nederland worden gekozen en die we de opdracht hebben gegeven om dit soort zaken te regelen. En bovendien: alles wat daar gebeurt, gebeurt in de openbaarheid. We kunnen deze mensen afrekenen op wat ze doen en zeggen; over een paar jaar als we weer mogen stemmen. Mensen in het Parlement hebben oog voor detail, en over het algemeen hebben ze een bredere blik op de energiewereld dan de vertegenwoordigers van al die lobbyclubjes, die vaak een gemankeerde visie hebben. In hun drift een bepaald puntje te scoren verliezen ze heel veel uit het oog.

Verguld
En: wat de duurzame sector zich ook niet realiseert: de kans is groot dat ze bij het SER-overleg het onderspit delven want de vertegenwoordigers ervan kunnen niet op tegen de geslepen onderhandelaars van de fossiele energiewereld. 'Jullie willen volledige saldering voor de meter. Ach, wat lief wat een goed idee!' En uiteindelijk blijft er van die saldering niets over en staan de goedwillende verduurzamers met lege handen. Ze hebben in hun onschuld ingestemd met het verrekenen van kosten hier of daar en dat blijkt nu juist de nagel aan de doodskist te zijn van de saldering. Het duurt dan nog even voordat ze dat doorhebben, verguld als ze waren dat ze achter de microfoon mochten staan toen het rapport in Nieuwspoort gepresenteerd werd.

Deur op kier
Van hetzelfde laken een pak als het gaat om schaliegas. Daar schijnt nu ook over onderhandeld te worden. Maar, hé, we zaten toch aan tafel om te praten over een transitie naar duurzame energie? Hoe is dat schaliegas er dan ineens ingeslopen? De wannabe-polderaars uit de groene hoek zitten ongetwijfeld vol van het idee: 'Er moeten in Nederland nu eenmaal compromissen gesloten worden'. Dus komt er dadelijk een compromis over schaliegas. Iets als: onder bepaalde condities, onder de strengste veiligheidseisen, etc.... Levensgevaarlijk. (Overigens is het een rare discussie. We komen om in het gewone aardgas en dan staan we toe dat infantiele Angelsaksische bedrijven ons landschap gaan omspitten en ons bodem vol gaan spuiten met chemicaliën om een beetje gas uit de grond te kunnen wringen).

Kappen
Kap er dus maar mee, met dat onzinnig gedoe bij de SER. Gewoon stoppen. De SER is een instituut dat is opgericht om Nederland te ordenen; de transitie naar verduurzaming vergt echter dat Nederland op zijn kop wordt gezet. De SER is dus per definitie niet geschikt voor een discussie over die transitie. Er moet gevochten worden op straat; mensen moeten worden geronseld. Voor zover er discussie moet worden gevoerd kan die in het Parlement plaatsvinden, al dan niet nadat de regering met voorstellen is gekomen. Details kunnen de partijen heel goed zelf regelen. Dus als de club van woningbouwcoöperaties Aedes voelt voor het idee dat huurders kunnen gaan salderen, kan Aedes dat zelf regelen met de huurders.

Zwijg of spreek uit
En beste twitteraars: als je dan niets over de inhoud van de gesprekken wilt schrijven omdat je dat hebt afgesproken en omdat je je daarmee belangrijk voelt, ben dan maar helemaal stil. Maar beter nog: schreeuw het uit en heb lak aan al die mores van de polder. Dank. Dan kunnen we weer aan de slag met duurzaamheid.

Jurgen Sweegers

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn