Westland Infra: klant is onvoldoende aan het woord; techniek is leidend bij smart grids-projecten

19 maart 2013 -

  • 'De keuze om een netwerk al dan niet smart te maken, kan niet gemaakt worden zonder dat de economische aspecten zijn meegewogen.' En:
  • 'Technisch is het geen enkel bezwaar om zwaardere netten uit te leggen.' En:
  • 'De klant is onvoldoende aan het woord.'

Het zijn stellingen die we hier op Energieenwater.net al een paar jaar roepen, zonder dat ze veel weerklank vinden in de sector. Directeur Henk Binnekamp van Westland Infra schreef ze op in een stuk: 'De praktijk van Smart Grids'. Een fantastisch helder stuk, dat ook nog ingaat op een smart grid project dat echt nuttig is en geld oplevert voor de deelnemers. Hier de integrale tekst van een deel van de eerste paragraaf.

[Begin stuk]

De rol van klanten in Smart Grids
Met de opkomst van steeds meer duurzame en decentrale energieproductie is een verandering binnen de energiewereld in gang gezet. Verdere uitbouw van duurzame en decentrale productie, het mobiliteitsvraagstuk en warmte-/koudeopslag zullen het gebruik van de elektriciteitsnetwerken sterk intensiveren. De verwachting is dat, wanneer alle ontwikkelingen zich doorzetten, de bestaande capaciteit van de netwerken niet toereikend zal zijn. Duurzame elektriciteitsproductie kent grote uitdagingen ten aanzien van aanbodcontinuïteit en bij grootschalige introductie van elektrische auto’s kunnen de laadstromen de netten overbelasten. Om deze ontwikkelingen het hoofd te kunnen bieden binnen de bestaande kaders, is het noodzakelijk productie en afname lokaal te balanceren. Het smart grid is geboren.

Netten verzwaren
Nu wordt het begrip 'smart' te pas en te onpas gebruikt als oplossing voor alle vraagstukken. Voorop dient te blijven staan dat helder moet zijn welk probleem moet worden opgelost. Het gegeven dat de laadstromen van elektrische auto’s kunnen leiden tot noodzakelijke netverzwaringen, kan nooit een reden zijn om het netwerk smart te willen maken. De verwarming van huizen in omringde landen vindt elektrisch plaats. De distributienetten zijn daar al veel langer geschikt voor vermogens die hoger liggen dan de extra vraag van elektrisch vervoer. Technisch is er dan ook geen enkele belemmering om zwaardere netten uit te leggen. De keuze om een netwerk al dan niet smart te maken, kan niet gemaakt worden zonder dat de economische aspecten zijn meegewogen. Indien een netbeheerder het net niet hoeft te verzwaren, zal daar een economisch voordeel te behalen zijn. De vraag is echter wel of dit voldoende is om de economische afweging te maken. Uiteraard dient de hele keten te worden bezien.

Behoud van vrijheid
Het meest opmerkelijk is dat de discussie over smart grids veelal zonder inbreng van klanten – of zeer beperkt – plaatsvindt. Klanten zijn gewend aan een bepaalde mate van comfort en onbekend is of zij de gevolgen van het smart maken van een netwerk kunnen overzien en kunnen accepteren. Mogelijk zijn klanten bereid meer te betalen voor het behoud van de vrijheid die zij nu kennen. Ook dit is onvoldoende onderzocht. De situatie is des te opmerkelijker omdat smart grids klant en netbeheerder voor een fors deel integreren. De klant is dus onvoldoende aan het woord.

Tegengestelde ontwikkelingen
Wie zijn dan wel actief betrokken bij de ontwikkeling van smart grids?, is de vraag die overblijft. In feite zijn het de traditionele partijen zoals consultants, netwerkbedrijven, energieleveranciers en installatiebedrijven. Door de aard van deze bedrijven is techniek leidend in de benadering. Ook de positionering van de verschillende bedrijven is onderdeel van de ontwikkeling van smart grids.
Een heldere visie op welk probleem opgelost dient te worden en vooral voor wie, zou meer aandacht verdienen. Zo is het verre van zeker of het elektrisch vervoer vorm zal krijgen door middel van accutechnologie nu een groot aantal leidende autofabrikanten heeft aangegeven binnen een periode van vijf jaar te zullen komen met productieversies van waterstofauto’s. De benodigde elektriciteit wordt daarbij opgewekt met brandstofcellen. Ook is de technologie rond warmte-/koudeopslag nog niet uitontwikkeld. De elektrische warmtepomp, die leidt tot hogere belasting van het elektriciteitsnetwerk, krijgt concurrentie van de gasgestookte warmtepomp die veel lagere energiekosten kent. Kortom: veel ontwikkelingen met tegengestelde gevolgen die
volop de aandacht verdienen.

In control
Het is zeker niet uit sluiten dat de energietransitie vanaf onderuit de markt vorm zal gaan krijgen. Steeds meer lokale initiatieven ontstaan, variërend van de collectieve aanschaf van zonnecellen tot de oprichting van een zeer lokaal energiebedrijfje waar klanten zelf de (duurzame) productie ter hand nemen. Wanneer dit soort initiatieven onder aanvoering van nieuwe toetreders op de markt een ‘google’-effect veroorzaken, zal vanuit de klantbehoefte de transitie vorm gaan krijgen. De netbeheerder komt hierbij weer terug in een vertrouwde rol: het faciliteren van de markt. De klant is daarbij niet alleen betrokken, maar ook in control.

[Einde stuk]


Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn