Bijna te mooi om waar te zijn: salderen voor de meter is nu al toegestaan

12 september 2012 - Het zou wel een leuke grap zijn. Loopt iedereen al jaren te pleiten voor het mogelijk maken van saldering voor de meter, is het al lang mogelijk. Ik kan niet anders concluderen dan dat dat laatste het geval is. Energie-afnemers mogen stroom die ze invoeden op het net aftrekken van hun verbruik, zo staat in de wet. Er staat nergens dat ze die stroom achter de meter (in huis dus) moeten invoeden.

Way back
Het artikel waarover het gaat is artikel 31C van de Elektriciteitswet. Dat is in de wet gekomen door een amendement van de Kamer, dat stamt uit 2004 (nr. 29372, 45). Het amendement bestond uit twee delen: Het eerste deel bepaalde dat de netbeheerder een elektriciteitsmeter ter beschikking moet stellen waarmee niet alleen de van het net gehaalde elektriciteit, maar ook de op het net ingevoede stroom kan worden gemeten. Het tweede deel betreft de saldering zelf. Energieleveranciers moeten de stroom van mensen die minder dan 3000 kWh produceren aftrekken van het verbruik van die mensen, voordat de energierekening wordt opgemaakt. Dat betekent dat de opbrengst van de geproduceerde stroom net zo hoog is als de kosten van de ingekochte stroom, inclusief BTW en energiebelasting.

Groene VVD
Het amendement was ondertekend door Samsom, Jos Hessels (CDA), Kees Vendrik (Groenlinks) en Paul de Krom (VVD). Het was de tijd dat de VVD nog wel gewoon groen durfde te zijn, zeg maar. De toenmalige minister van Economische Zaken Brinkhorst deed er niet moeilijk over, en het amendement werd dan ook in een vloek en een zucht met algemene stemmen aangenomen. Later is het eerste deel, over het kunnen meten van de geproduceerde stroom, eruit gehaald. Dit is nu waarschijnlijk een van de eisen geworden waaraan alle meters moeten voldoen.

Letter en geest
Het amendement werd in eerste instantie soms naar de letter opgevolgd, wat tot onvrede leidde. Energiebedrijven saldeerden alleen maar bij die mensen die ook echt minder dan 3000 kWh opwekten. Bij mensen die net iets meer opwekten werd er niets meer gesaldeerd. Dit was natuurlijk niet de bedoeling. Dat werd daarom later recht getrokken. En toen is tevens de grens opgetrokken naar 5000 kWh. Dit gebeurde in een amendement van Hessels en Samsom uit 2008 (31374, nr. 14). Nadien zijn er nog vele pogingen geweest om de salderingsmogelijkheden te verruimen, met name van Diederik Samsom. Hij zocht het in exotische wetsaanpassingen. Zo kwam hij met een amendement om een bepaling van de regering ongedaan te maken. Die haalde het net niet.

De wet
Het nieuwe artikel 31c van de Elektriciteitswet luidt nu: 'Voor afnemers als bedoeld in artikel 95a berekent de leverancier de meterstand ten behoeve van de facturering en inning van de leveringskosten door de aan het net onttrokken elektriciteit te verminderen met de op het net ingevoede elektriciteit, met een maximum van 5000 kWh aan op het net ingevoede elektriciteit. Indien de hoeveelheid op het net ingevoede elektriciteit groter is dan 5000 kWh biedt de leverancier voor het meerdere een redelijke vergoeding op basis van artikel 95c, derde lid.'

Dus
Er staat dus niet dat de leverancier het verbruik moet verminderen met de stroom die achter de meter wordt ingevoed, maar met 'de op het net ingevoede elektriciteit'. Het lijkt dus niet uit te maken waar die stroom wordt ingevoed, voor of achter de meter. En ook de toelichting op de amendementen zegt hier niets over. Wel kan gezegd worden dat de indieners waarschijnlijk alleen doelden op stroom die in huis wordt opgewekt. Anders hadden ze toen in 2004 het eerste deel van het amendement niet opgesteld; dat de meter van de netbeheerder ook opgewekte stroom moet kunnen meten. Maar toch staat niet letterlijk in de wet dat de stroom in huis moet worden opgewekt. En wat er niet staat staat er niet, toch?

Juristen
Advocaat Edgar Wortmann is het echter niet met ons eens. Volgens hem blijkt uit de wetsgeschiedenis dat het moet gaan om een en dezelfde aansluiting. Volgens Wortmann staat dat weliswaar niet in de toelichting op het amendement, maar wel in een toelichting bij een artikel in de belastingwetgeving. (Er zijn artikelen over saldering opgenomen in belastingwetgeving omdat bij saldering de facto geen energiebelasting en BTW betaald wordt over verbruikte stroom, namelijk in die mate waarin de verbruiker zelfs stroom opwekt.) Mocht het tot een procedure komen, dan zal een rechter volgens hem naar die toelichting bij de belastingwetgeving kijken.

Moeder aller artikelen
We hebben onze twijfels over deze redenering. Het gaat blijkbaar om een toelichting die er door het ministerie zelf ingefietst is en die niet noodzakelijkerwijs kan rekenen op Parlementair draagvlak. Ambtenaren kunnen wel van alles verzinnen. En daarbij: de moeder aller artikelen over saldering is en blijft het genoemde artikel 31C in de Elektriciteitswet. Een rechter kan wellicht teruggrijpen naar een toelichting als er onduidelijkheid is over wat er staat in de wet, maar in dit geval is er geen enkele onduidelijkheid over wat er staat. Er staat gewoon niets en dus ook niet dat de stroom moet worden ingevoed in huis.

Sceptisch
Ruud de Bruijne van E-decentraal is echter ook sceptisch. Volgens hem is het ministerie van Financiën van mening dat de productie van stroom alleen gesaldeerd mag worden met het verbruik achter één en dezelfde aansluiting. Weer dat woordje aansluiting dus. Hij wijst echter gelukkig niet op obscure belastingwetgeving, maar op artikel 31C, waar verwezen wordt naar 'afnemers als bedoeld in artikel 95a'. Dat zijn mensen met een bepaalde aansluiting, namelijk eentje van minder dan 3*80 Ampère. Daar zou dan het argument dat het om één en dezelfde aansluiting moet gaan vandaan komen. Toch kunnen ook bij zijn redenering vraagtekens worden gezet. Hier wordt namelijk alleen bepaald welke afnemers mogen salderen, namelijk mensen met een kleine aansluiting. Er staat niet dat die mensen met een kleine aansluiting alleen mogen salderen voor zover de productie plaats vindt achter die kleine aansluiting.

Handen op elkaar
Bij voorzitter Dick van Elk van de Windvogel krijgen we gelukkig meer handen op elkaar. Hij vindt het argument de moeite van het proberen waard als het nog ooit tot een proefproces komt tegen de Windvogel. De belastingdienst had aangekondigd om zo'n proces op te starten, nadat de Windvogel besloot om geen belasting meer af te dragen over de stroom die met eigen windmolens aan de leden van de corporatie wordt geleverd. Maar tot nog toe is het er niet van gekomen. Wellicht durft de belastinginspecteur niet meer. Volgens van Elk hoeft er niet meer expliciet iets geregeld te worden om saldering voor de meter mogelijk te maken. Het is al mogelijk. Het Parlement moet dit echter alleen nog even op één of andere manier duidelijk maken, waarna de belastingdienst zich daar braaf bij moet neerleggen.

Nieuwe groep
Mocht het toch nog tot een proefproces komen dan gooit Van Elk het in eerste instantie over een iets andere boeg, zo zegt hij tegen Energieenwater.net. Er is in recente jaren een nieuw type 'energie-mens' ontstaan: de producent/afnemer. Zo'n type komt niet voor in de E-wet, die uit 1998 stamt; er wordt alleen van afnemers en leveranciers gesproken. En dus geldt de E-wet niet voor deze nieuwe groep, weer onder het mom van: er is niets geregeld; dus is het toegestaan. "Wij vragen als producent/afnemer aan netbeheerders alleen maar om de eigen stroom te vervoeren naar huis", zo zegt hij. "Net als iemand de TNT vraagt om een pakketje te bezorgen, waarbij het pakketje van de verzender blijft." Centraal staat hier de eigendomsvraag. De stroom van iemand die buitenshuis stroom opwekt is en blijft van hemzelf.

Koperen plaat
Het kernargument van Van Elk is dus dat de producent/afnemer de stroom niet verkoopt en dat hij daarom ook geen stroom koopt als hij thuis de oven aanzet. Hij gebruikt dan zijn eigen stroom, en dat maakt dat hij daar geen energiebelasting over hoeft te betalen. Van Elk maakt een extra stap, door het over het eigendom te hebben. Vraag is of die extra stap nodig is. Het lijkt er niet op. Of de in huis gebruikte stroom van iemand die elders stroom aan het opwekken is nu als zijn eigen stroom wordt gezien of niet, als je de tekst van de wet letterlijk neemt mag hij die gewoon van zijn verbruik aftrekken. Hij heeft hem als eigenaar van de duurzame energie-installatie namelijk zelf ingevoed op het net.

Geen fluit uit
Maar verder lijkt het argument van Van Elk op ons argument, want ook Van Elk gaat ervan uit dat het niet uitmaakt of de stroom binnens- of buitenshuis is opgewekt. Wij zeggen: dat volgt uit de wet. Van Elk zegt: dat volgt uit het feit dat de stroom eigendom blijft van de opwekker. Maar ook de facto maakt het natuurlijk geen fluit uit. Want wat is nu een aansluiting? Een toevallige aftakking van het elektriciteitsnet naar een huis, een van de duizenden aftakkingen die het elektriciteitsnet rijk is. Wat maakt het ten principale uit of iemand de stroom van zijn zonnepanelen op zolder, in de meterkast, of buiten in de voortuin invoed op het net? Het is eigenlijk natuurlijk één grote koperen plaat.

Moeilijk
Hoewel Wortmann onze redenering niet volgt zijn er volgens hem wel mogelijkheden om saldering voor de meter toe te kunnen passen. Volgens de advocaat moeten we daarvoor ver weg blijven van het salderingsartikel. Er hoeft volgens hem geen energiebelasting te worden betaald over verbruikte stroom als de verbruiker zelf op dat moment stroom opwekt, ook als dat laatste buitenshuis gebeurt. Dus als de molen draait is de stroom van de wasmachine in huis belastingvrij, anders niet. Dat wordt allemaal erg ingewikkeld. Want dan moet elk kwartier (de standaard tijdseenheid in de elektriciteitssector) bepaald worden wat de opwek van de windmolen is, en wat het verbruik is in huis in dat kwartier. Als er verbruik is dan kan de opwek daarvan worden afgetrokken, en anders wordt de stroom verkocht op de markt. Er is een experiment gaande, waarbij het op zo'n manier gedaan wordt.

Haarkloverij
Wat dat betreft is De Bruijne makkelijker te volgen. Hij wil wegblijven van dit soort juridische haarkloverij. Waarom? Als het tot een proefproces komt tikt de rechter de wetgever straks op de vingers, waarna die als de wiedeweerga reparatiewetgeving gaat ontwerpen, waarmee het salderen voor de meter alsnog verboden wordt. De Bruijne wil daarentegen dat saldering voor de meter "fatsoenlijk geregeld" wordt, in lijn met de boodschap die de organisatie samen met veel andere organisaties heeft opgesteld. Dat zou het nieuwe Parlement of de nieuwe regering kunnen doen. Nog even geduld dus, tot na deze vervloekte verkiezingen, en de uitslag, en de formatie, en de komst van een nieuwe regering. En dan maar hopen dat de VVD weer een beetje groen durft te zijn en deze partij niet alles gaat liggen blokkeren.

Jurgen Sweegers

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn