Drogredenen van staatssecretaris voor Milieu-vervuiling in debat over statiegeld

28 maart 2012 - De coalitiepartijen bleven dinsdag achter het voornemen van staatssecretaris Atsma staan om het statiegeld af te schaffen. De oppositiepartijen waren nog steeds fel tegen, tijdens een vervolg op een eerder debat. De maatregel is waarschijnlijk een toezegging van Atsma in ruil voor de vage belofte van het bedrijfsleven om bepaalde doelen voor het inzamelen van kunststof te gaan halen. Atsma haalt er echter allerlei argumenten bij om de indruk te kunnen wekken dat die maatregel ook goed is voor het milieu. Dat levert een groot aantal tamelijk hilarische drogredenen op.

Plastic Hero
De afschaffing betreft mogelijk zowel de afschaffing van statiegeld voor PET-flessen als die voor glazen flessen (bierflesjes). Vooralsnog gaat het in het debat alleen over PET-flessen. Atsma zegt steeds dat het statiegeldsysteem kan worden afgeschaft omdat er iets anders voor in de plaats is gekomen, namelijk de aparte inzameling van plastic bij huishoudens. Atsma leek werkelijk in de veronderstelling te verkeren dat zo'n inzamelingssysteem al overal van kracht is. Dat is dus niet. Onder meer in de grote steden wordt het plastic niet opgehaald bij de burgers.

Verantwoordelijkheid
Paulus Jansen van de SP confronteerde hem met dit laatste gegeven: dat onder meer in grote steden plastic niet apart wordt ingezameld. En het wordt er ook niet achteraf uitgehaald. Atsma ging vervolgens die grote gemeenten bekritiseren. Die moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Dat kan allemaal wel zo zijn, maar dan is het dus niet zo dat het plastic afval overal ingezameld wordt. Het argument dat er overal al een alternatief is gaat dus niet op. Mensen zullen hun plastic in de grijze zak stoppen, of ze zullen het op straat gooien (met name in grote steden).

Driehoog
Daarnaast is het zo dat het in de drukke binnensteden, waar mensen drie/vierhoog boven elkaar wonen, zo goed als onmogelijk is om het plastic afval apart in te zamelen. Er is geen plaats voor nog een afvalbak in de keuken, het is ondoenlijk om die steeds mee naar beneden te sjouwen en er is op straat geen plaats om ze allemaal kwijt te kunnen op de dag dat de vuilniswagen komt. Dus het verwijt snijdt sowieso geen hout.

Doelen
Een ander argument dat Atsma gebruikt is dat met het statiegeldsysteem de doelen voor het inzamelen van plastic afval niet gehaald worden. Dat doel is 52% in de periode 2017-2022 (lekker vaag weer). Dus moet het afgeschaft worden, zo redeneert Atsma en vervangen worden door iets beters. Het is waar dat alleen het statiegeldsysteem niet tot die 52% kan leiden, simpelweg omdat PET-flessen maar een deel van de totale hoeveelheid plastic uitmaken. Maar het is een succesvol middel. Maar liefst 95% van de flessen wordt teruggebracht. Het argument van Atsma is dus hetzelfde als zeggen dat een succesvolle maatregel om bijvoorbeeld de CO2-uitstoot in het verkeer terug te dringen moet worden afgeschaft omdat het verkeer alleen er nooit voor kan zorgen dat de algehele CO2-reductie doelstelling voor heel Nederland wordt gehaald.

Én, én niet óf, óf
Zoals verschillende partijen al aangaven in het debat: het statiegeld-systeem kan heel goed blijven bestaan naast andere inzamelingsmethoden als voorscheiding of nascheiding. Dat leidt zéker tot hogere resultaten dan als alleen die laatste systemen in de lucht zijn, simpelweg omdat daarmee nooit zo'n hoge inzamelingspercentages kunnen worden gehaald als met het statiegeld-systeem.

Te duur
Dan is er in de afgelopen weken veel te doen geweest over de kosten. Statiegeld moet worden afgeschaft omdat het duur is, zo zegt Atsma steeds. Hij baseert zich op cijfers van de Wageningen Universiteit (WUR). Verschillende partijen stellen dat het systeem helemaal niet duur is. Atsma kan nu twee dingen doen: hij geeft toe dat die cijfers van de WUR niet kloppen (en dan zou hij het duur-argument moeten inslikken), of hij gaat die cijfers van de WUR te vuur en te zwaard verdedigen. Hij doet echter geen van tweeën. Hij springt weer over op een andere redenatie: als het niet goedkoper was zou het bedrijfsleven het niet af willen schaffen, want ze kunnen daar immers zo goed rekenen. Dat laatste kan waar zijn, maar daar gaat het nu niet om. Atsma komt zelf met cijfers dat het te duur is. Dan moet hij die ook kunnen verdedigen.

WC-eend
En dan zegt hij ook nog dat individuele supermarkten de vrijheid blijven houden om het statiegeld-systeem te handhaven en dat ze dat zullen doen als het echt zo goedkoop is. Het werkt echter niet als niet iedereen meedoet en als het niet van boven opgelegd wordt en dat weet Atsma heel goed. Ook een flauwekul-argument dus. De Kamer wil dat Atsma naar aanleiding van de tegenargumenten van partijen als Recycle Netwerk de cijfers van de WUR nog eens tegen het licht laat houden. Atsma beloofde dat te doen, door de... WUR. Een mooi gevalletje: 'Wij van WC-eend raden WC-eend aan', zoals Sjoera Dikkers (PVDA) opmerkte. Atsma vertrouwt nog op de onafhankelijkheid en deskundigheid van de WUR, zo zei hij. Ach wat lief. Geen benul van het gezegde 'wiens brood met eet, wiens woord men spreekt', iets waar de WUR om bekend schijnt te staan.

Cijferbrei
Het is duidelijk dat de maatregel alleen wordt genomen om het bedrijfsleven te pleasen. Dat bedrijfsleven heeft dit waarschijnlijk als voorwaarde gesteld om akkoord te gaan met een doelstelling van 52% inzameling van plastic afval in de periode 2017-2022. Het bedrijfsleven heeft volgens Atsma zelfs "zijn nek uitgestoken'. Hij lijkt het echt te geloven. Probleempje: alleen datzelfde bedrijfsleven kan de cijfers aanleveren over de hoeveelheid plastic die op de markt gebracht wordt en de hoeveelheid die er ingezameld wordt. Dus die doelen zullen wel gehaald worden, daar kunnen we wel zeker van zijn. Daarnaast staat een doelstelling van 50% gewoon in de Europese Kaderrichtlijn Afvalstoffen. Dus het bedrijfsleven móet op basis van de wet straks gewoon aan die doelstelling voldoen. Atsma had ze helemaal niets in ruil hoeven te geven.

Wel makkelijker, niet beter
Voor de Nederlandse burger wordt het "goedkoper, makkelijker en beter", zo stelt Atsma ook nog. Ja, het is altijd goedkoper en makkelijker om het vuil gewoon op straat te gooien, maar het milieu is daarmee niet gediend. Het is dus niet beter. Daarnaast is er waarschijnlijk niemand in Nederland, of zo goed als niemand, die er problemen mee heeft om PET-flessen terug naar de supermarkt te brengen, wat mensen doen als ze toch naar de supermarkt moeten. Er is simpelweg niets tegen het stelsel in te brengen en het past bij onze volksaard. Zelfs het "conservatieve deugdelijke" weekblad Elsevier pleit om die redenen voor handhaving van het stelsel, zoals Jansen opmerkte. En voor één keer waren Groenlinks en Elsevier het eens: "Burgers zijn enthousiast over statiegeld, het geeft de burger een milieu-gevoel". En nu kun je dit laatste afdoen als irrelevant, zoals D66 deed, maar het is waarschijnlijk toch heel belangrijk.

Bijziend
Maar Atsma keert niet op zijn schreden terug. Horende doof en ziende blind. Letterlijk want Atsma is zo kippig als wat. Zijn ambtenaren zijn tijdens debatten met dikke stiften in de weer om de antwoorden van Atsma op vragen van de Kamer in koeienletters op papier te zetten. En dan nog moet Atsma het papier dicht bij zijn ogen houden om het te kunnen lezen. De staatssecretaris is echter niet alleen letterlijk bijziend, hij is dat ook figuurlijk. Hij heeft totaal geen overzicht. Hij laat zijn oor hangen naar het bedrijfsleven en het milieu (wij dus eigenlijk) is daarvan de dupe. Dat blijkt niet alleen uit dit dossier maar ook uit dat van de scheepsbrandstoffen, het CO2-stelsel voor de luchtvaart, de rapportage-verplichting over het gebruik van teerzandolie en dat van de inzameling van elektrische apparaten.

Joop Atsma, staatssecretaris voor Milieu-vervuiling, aangenaam.

Jurgen Sweegers

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn