Journalistiek: van misplaatste naargeestige objectiviteit naar wijze gebalanceerde normativiteit

6 november 2013 - Het is een wijdverbreid geloof: de journalist moet objectief zijn. Maar wat is dat dan objectiviteit? Niemand is objectief. Iedereen bekijkt de zaken vanuit zijn eigen geloof, ideologie, normen en waarden, politieke voorkeur, daarbij bewust of onbewust rekening houdend met zijn eigen belangen. Objectiviteit in de journalistiek betekent meestal zoiets als dat men alle partijen aan het woord laat en dat de eigen mening van de journalist niet doorklinkt. In veel situaties voldoen deze regels niet.

Wie, wat, waar?
Bij de beschrijving van een gebeurtenis hoeft een journalist niet alle partijen aan het woord te laten. Hij beschrijft gewoon wat hij ziet en hij doet dat zo goed mogelijk. Zoals wanneer er brand is of als er, in energieland, een nieuwe centrale wordt gebouwd. Het kan helpen, of nodig zijn, mensen te spreken bij het verkrijgen van een goed beeld van de situatie, maar het hoeft niet noodzakelijkerwijs. Als de journalist bovenop de gebeurtenis staat is dat niet nodig.

Waarde
Verder is het bij een interview veelal niet nodig om meerdere partijen aan het woord laten. De journalist is expliciet geïnteresseerd in de mening van die ene man of vrouw, die geïnterviewd wordt. Het is dan niet noodzakelijkerwijs nodig om tegenover alles wat hij of zij zegt de mening van anderen te stellen. Ook als de journalist slechts enkele vragen stelt kunnen de antwoorden zodanig zijn dat een bericht met louter die antwoorden op zijn plaats is. Een weergave van dat gesprekje kan van waarde zijn voor de lezer. Als de journalist denkt dat het interessant is brengt hij het. Als hij denkt dat het onzin is of dat het niet relevant is brengt hij het niet. Of beter: dan heeft hij zelfs de plicht om het niet te brengen.

Verkeerde been
Als de journalist weet dat iets onzin is en hij brengt het toch, zonder eigen commentaar of zonder het commentaar van een ander dan blijft hij in gebreke. Hij mag zijn lezers namelijk niet op het verkeerde been zetten. En dat doet hij wel door ongeclausuleerd onzin te brengen. In dit geval moet de journalist dus zijn eigen mening toevoegen en kan gezondigd worden tegen de stelling dat de eigen mening niet toegevoegd mag worden.

Gepeperde mening
Wanneer kan de journalist het beste wel contact opnemen met anderen? Als hij twijfelt over wat er gebeurd is of over de vraag of uitspraken van iemand al dan niet onzin zijn kan hij inderdaad eerst contact opnemen met anderen. Als dan blijkt dat quatsch is verkondigd kan hij zich de moeite van het schrijven van een stukje besparen. Maar soms kan onzin toch nieuws zijn, bijvoorbeeld als het gebracht wordt door een minister of de minister-president. Vaak wordt gezegd dat een journalist wederhoor moet plegen als iemand een gepeperde uitspraak doet over iets of iemand of als er negatieve zaken over iemand aan het licht komen. Natuurlijk, het is vaak goed om de andere kant van het verhaal te horen.

Wederhoor
Er zijn echter veel situaties denkbaar waarin het ook in dat laatste geval niet nodig is om wederhoor te plegen of wanneer het achterwege blijven van wederhoor te verdedigen is. Dat is ten eerste als de schrijver zeker is van zijn zaak. Als een journalist iemand betrapt op stelen kan hij daarvan verslag doen, zonder dat hij persé de dief eerst hoeft te ondervragen. Of als een journalist merkt dat er creatief wordt geboekhoudt, bij het lezen van het jaarverslag, kan hij daar een stukje over schrijven, zonder dat hij persé de organisatie om een reactie hoeft te vragen. Feiten spreken voor zich, ook als die negatief zijn voor iemand of iets, en als die voldoende nieuwswaarde hebben is dat op zich reden genoeg voor het schrijven van een stuk.

Lulkoek
Verder hoeft er niet persé contact opgenomen te worden als bij voorbaat vaststaat dat er onzin wordt uitgekraamd of als de journalist weet dat hij toch geen antwoord op zijn vragen krijgt. Zo heeft Energienwater.net veel geschreven over perikelen van Greenchoice waarbij vaak de beschuldigende vinger naar Eneco wordt uitgestoken. Eneco weigert echter elke keer een reactie te geven; dus die bellen we niet meer. Ik ben gekke henkie niet. Het komt ook vaak voor dat de journalist op zijn vingers kan natellen dat er weliswaar mogelijk wel een reactie wordt gegeven maar dat die ontwijkend zal zijn, dat er geen antwoord op de vragen zal komen of dat ze geen hout snijden. In dat geval kan hij zich de moeite van een belletje ook besparen. Vooral het ontwijkend gelul in de ruimte van woordvoerders van de overheid en overheidsorganisaties is vaak niet van de lucht.

Voorspelbaar
De journalist kan ook koffie gaan zetten als de reactie zo voorspelbaar is als wat. Het is de Pavlov-reactie van menig journalist. Iemand zegt iets: een minister, een Kamerlid of een organisatie en de journalist gaat iedereen in de politieke goegemeente bellen voor een reactie. Een groot deel van de journaals is ermee gevuld. Het is zelfs zo erg dat de reacties als eerste worden gebracht zonder dat nu duidelijk is wat het oorspronkelijke nieuwsbericht nu was. Dat was laatst het geval bij het sluiten van een nieuwe begrotingsakkoord tussen een aantal partijen. Die reacties zijn vaak zo voorspelbaar als wat. Er wordt dan bijvoorbeeld aan de vakbond gevraagd wat die vindt van een loonsverlaging. Irrelevant dus. De journalist hoeft die reactie dan niet te brengen. Sterker nog: hij heeft de plicht die niet te brengen.

Energieclown
Zo ook in energieland. Een journalist die meer dan tien jaar meeloopt in die sector die heeft alle argumenten voor of tegen iets (CO2-opslag, kernenergie, wind-, zonne-energie, etc.) al tien keer langs zien komen, en heeft die ook al tien keer verwerkt in zijn artikelen. Die hoeft dat niet voor een elfde keer te brengen; dat hoeft hij zijn lezers niet aan te doen. Die kent ook alle standpunten van de polderorganisaties, en zijn lezers kennen die ook. Hij hoeft in andere woorden niet nog eens onze nationale energie-clown Hans Alders te bellen voor een reactie, of de VEMW, of Greenpeace of Groenlinks of de VVD, etc. Maar ook bij een nieuw thema zijn reacties voorspelbaar. De energie-intensieve industrie moet meer energiebelasting gaan betalen, zo vinden velen. Het heeft geen zin om de VEMW (grootverbruikers) te gaan bellen voor een reactie.

Voorspelbare voorspelbaarheid
Een deel van de reacties op nieuwe of oude voorstellen is dus voorspelbaar. 'Breng ze niet; doe het de lezer niet aan.' Die heeft over het algemeen niet zoveel tijd. Als het Europese Hof van Justitie uitspraak doet over de splitsing is het zaak die uitspraak te brengen; wat tegenstanders van die splitsing ervan vinden is dan niet zo relevant. Na een uitspraak van een rechter in een moordzaak ga je ook niet als eerste de reactie van de moordenaar brengen. Onzinnig. Bij weer een ander deel van de reacties ligt het eigenbelang er zo dik bovenop dat we die reacties ook niet hoeven te brengen. Het is juist om bij tijd en wijle sectoren en bedrijven aan het woord te laten, om te kijken wat hun belangen zijn en te zien hoe zij over iets denken, maar meestal is dit niet zo relevant.

Algemeen belang
Vaak draaien stukken om maatregelen die voorgesteld worden door deze of gene: de politiek, organisaties, etc. Als de journalist het waardevol vindt daar een stuk over te schrijven is het vooral van belang daar mensen over aan het woord te laten die in het algemeen belang denken. De visies en meningen van deze mensen kunnen verschillen en zullen verschillen, maar voorwaarde is dat ze een ruime blik hebben. Die mensen moet je er uit pikken. De journalist hoeft dan niet (voor de zoveelste keer) de mening van allerlei partijen die deelbelangetjes vertegenwoordigen te gaan brengen. Dat vertekent de discussie vaak alleen maar. De journalist moet zich dus in de politicus verplaatsen. Voor mensen die in de sector werkzaam zijn is het bijna zo goed als onmogelijk om over hun eigen schaduw heen te springen. Dat zijn allemaal situaties waarin er geen hoor of wederhoor wordt gepleegd.

Vermomming
Hier gaat het vaak fout bij sites als Energeia, waarvan de meeste berichtjes om die reden dan ook niet te pruimen zijn. De broodschrijvers van die boodschappendienst van de energiesector laten heel veel mensen aan het woord die niets zinnigs te melden hebben. Daarbij wordt veelal de bekende truc gehanteerd door deze mensen: maatregelen die in het eigen belang zijn worden vermomd als zouden ze in het algemeen belang zijn. Ik heb hier al vaak over geschreven. De journalisten trappen hier in. Het is naïviteit maar ook een misplaatst beroep op het journalistieke adagium om objectief te zijn; iedereen aan het woord te laten. De letter van de journalistieke wet wordt toegepast zonder dat ze helemaal duidelijk is wat de geest van die wet nu eigenlijk is.

Broodschrijvers
Maar er zit meer achter; namelijk puur commercieel eigenbelang. De mensen die aan het woord komen zijn tevens de grootste klanten van de sites. De journalisten schrijven over de mensen en bedrijven die ook zorgen voor de belegde boterham. Die mensen en bedrijven moet je te vriend houden. Dat doen de medewerkers dan ook, bewust of onbewust. Het is een commercieel belang verpakt als de zo geroemde journalistieke objectiviteit. Ze kunnen ook niet anders meer. De broodschrijvers staan niet meer boven de sector, of zelfs maar op afstand van de sector maar ze zijn er mee vergroeid. Dat geldt niet alleen voor Energeia maar voor al  die vaksites, zoals Waterforum en Afvalonline. Al tien jaar zijn ze bezig, maar ze slaan nog een deuk in een pak boter. Ze zijn er gewoon, maar niemand zou ze missen als ze er niet zouden zijn.

Met een expert wordt je wijzer
De andere doodzonde is dat de journalist zijn eigen mening laat doorschemeren in stukken; een doodzonde volgens de journalistiek. Onzin. Als de journalist goed op de hoogte is mag hij best zijn mening geven, als maar duidelijk is van wie de mening is. Er zijn twee mogelijkheden. Of hij geeft zijn mening meteen in het nieuwsstuk, of hij schrijft een analyse. In tegenstelling tot een opinie-stuk staat de mening niet centraal, maar de gebeurtenis of ontwikkeling. Daar schrijft de journalist vanuit zijn expertise iets over. Het is dus meer een interpretatie van de werkelijkheid dan dat het een mening of opinie is.

Expert
De journalist is gerechtigd dit te doen als hij kennis van zaken heeft. Waarom anderen om een mening vragen als zijn eigen mening eigenlijk het beste is wat in de sector te krijgen is? De journalist is expert geworden. Hij weet meer van de materie dan 99% van de mensen die werkzaam zijn in de sector. Daarnaast is hij als een van de weinigen in de sector onafhankelijk. Waarom zou hij dan nog anderen bellen om een reactie te geen? Daar bewijst hij zijn lezers geen dienst mee. Die bewijst hij wel een dienst als hij zelf kanttekeningen plaatst bij wat er gebeurt; als hij in andere woorden context geeft, of als hij die ontwikkelingen in historisch perspectief plaatst. Aangezien het historisch besef over het algemeen laag is is dit meer dan gewenst. De kans is dat de journalist arrogant overkomt. En het gevaar is dat hij zich afsluit voor de werkelijkheid, waarna hij ontwikkelingen kan gaan missen. Maar toch is het zijn plicht de lezers zijn kennis niet te onthouden.

Normatief
En dan wordt de journalist normatief, net als een adviseur of een politicus: die moet ook een oordeel vellen over alle mogelijke maatregelen die genomen kunnen worden. De journalist gaat oordelen omdat hij de kennis heeft om dat te gaan doen. Hij veroordeelt mensen en hij prijst mensen, vanwege de invloed die ze hebben gehad op de ontwikkelingen in de energiesector. Hij veroordeelt mensen als Harald Swinkels vanwege hun bijdrage aan het vervagen van het normbesef in de sector, en de manier waarop ze politiek en publiek misleiden om geld te kunnen verdienen. Hij probeert een blauwdruk te geven van hoe het verder moet met de sector omdat hij daar ideeën over heeft. De noodzaak om objectief te zijn (in de journalistieke betekenis van het woord) verdwijnt naar de achtergrond. Maar de oordelen van de nieuwbakken expert zijn wel gebaseerd zijn op kennis van zaken.

Wijsheid
De veelgeprezen objectiviteit van de journalistiek is vaak een naargeestige objectiviteit die eerder probeert te verbergen, namelijk alle belangen die er achter zitten, dan dat ze de lezer verder brengt. Er mag dan ook meer geoordeeld worden in de polder. Intuïtief kunnen we rekening houden met veel meer factoren dan we rationeel kunnen beredeneren. Ik ben er zeker van dat de splitsing van de energiebedrijven een goede maatregel is; en dat kernenergie een slechte zaak is. Het valt echter nooit helemaal objectief te beredeneren waarom splitsing goed en kernenergie slecht is. Het gaat in het leven uiteindelijk om de oordelen die we vellen. Mensen niet durven veroordelen om wat ze doen of nalaten is laf. Uiteindelijk zijn we allemaal subjectief. Het getuigt juist van wijsheid en moed om toe te geven dat we subjectief zijn en om te laten zien hoe we over de zaken denken.

Jurgen Sweegers

Kenniscentrum Geldengroen.net
Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn