Economie: prijzen en lonen moeten flink omlaag, bedrijven moeten kwaliteit en dienstverlening op orde brengen

21 augustus 2013 - Het is de one-million dollar question op dit moment: trekt de economie weer aan of niet? Als we berichten in financieel-economische media mogen geloven trekt de economie inderdaad weer wat aan. Maar die media, en de analisten die daar ten tonele verschijnen, hebben het vaak mis, dus veel waarde hoeven we daaraan niet te hechten.

Sloppeneconomie
We moeten natuurlijk onderscheid maken tussen Nederland, Europa en de rest van de wereld. Ik kan me niet voorstellen dat de bestedingen van ons, Nederlanders, in de komende tijd gaan aantrekken. Eerder het tegenovergestelde. Mensen zullen naar verwachting hun uitgaven nog verder terugschroeven. En dat is verstandig. Mensen willen hun hypotheekschuld omlaag brengen. Verder zijn er hordes ZZP-ers die geen cent meer te makken hebben; hun spaargeld raakt langzaamaan ook op en ze moeten ook eens aan hun pensioen gaan denken. De werkloosheid loopt ook nog op.

Export
Het beeld is nu zo'n beetje dat het matig gaat in Nederland, dat de economie van Europa als geheel en die van Amerika weer wat aantrekken en dat het in de opkomende landen weer wat slechter gaat dan een tijdje terug. De Europese economie zou licht zijn gegroeid in het tweede kwartaal ten opzichte van het eerste kwartaal, zo meldde CBS vorige week. Aangezien Nederland een stevige boterham met de export verdient  is het heel goed mogelijk dat de rest van Europa, als het daar inderdaad goed gaat, de Nederlandse economie weer uit het slop trekt. Dus het is van belang naar het buitenland te kijken; maar laten we eens in Nederland beginnen.

Vertrouwen
CBS meldde dinsdag dat ons vertrouwen in de economie weer wat is toegenomen, maar dat we nog steeds niet willen gaan kopen. Over het economisch klimaat in het algemeen denken we positiever of, beter gezegd, minder negatief. Over de eigen situatie waren we iets negatiever en we zijn iets minder geneigd om grote aankopen te doen.  Dat laatste klinkt logisch. Er is niet veel reden voor mensen om al te optimistisch te zijn. De huizenprijzen zijn flink gezakt, bedrijven saneren en grote bezuinigingen staan voor deur, waarbij het woordje bezuinigen tegenwoordig staat voor lastenverzwaring. Waarom mensen het algehele economische klimaat positiever inschatten is me een raadsel.

Stroomverbruik
Maar nog steeds is het vertrouwen dus sterk negatief: het aantal negatieve antwoorden is nog ruim 30 procentpunt groter dan het aantal positieve antwoorden. Een andere, doorgaans goede, indicator voor de conjunctuur is het stroomverbruik, zoals gemeten door Tennet. Dat verbruik trok in juli weer iets aan, zo meldde Tennet dinsdag. Bedacht moet worden dat de grootverbruikers van stroom, die met name verantwoordelijk zijn voor de fluctuaties in de cijfers van Tennet, vooral exporterende bedrijven zijn. Dus de stijging in het stroomverbruik is waarschijnlijk vooral veroorzaakt door een aantrekkende vraag vanuit het buitenland. Dit komt dan wel overeen met de stelling dat het buiten Nederland weer wat beter gaat. Grote vraag is of dat beklijft.

Rooskleurig
Dat de economie in Amerika echt definitief aantrekt lijkt aannemelijk. De centrale bank Fed zal echt alleen de monetaire stimulering (het pompen van geld in de economie) terugschroeven als het beter gaat en het ziet er nog steeds naar uit dat de Fed dit inderdaad gaat doen. Het beeld over Europa lijkt me te rooskleurig. Het lijkt me dat er wellicht een lichte opleving komt maar dat de economie daarna weer wegzakt. Ik kan me niet voorstellen dat mensen in landen als Spanje, Italië en andere Europese landen heel anders tegen hun financiële situatie in de nabije toekomst aankijken dan wij. Alle overheden zullen doorgaan met bezuinigen en lastenverzwaringen en bedrijven zullen doorgaan met saneren, wat tot de nodige werklozen leidt. En, daarbij, de financiële problemen van Griekenland zullen blijven opspelen.

Kwaliteit
Alleen de economische reus Duitsland blijft goed presteren, en dat heeft denk ik vooral te maken met de goede prestaties van de bedrijven aldaar. Mensen willen specifiek Duitse producten hebben, omdat die goed zijn. Dat is dus een specifiek Duitse situatie. De economische hoogtij daar zal niet gauw overslaan naar andere landen. Alleen Nederlandse toeleveranciers zullen profiteren, en de Duitsers zullen wellicht wat meer Nederlandse producten kopen. Het is niet waarschijnlijk dus dat Duitsland de economie van heel  Europa uit het slop gaat trekken.

Implosie
Nederland lijkt in mindere mate de producten te maken waar in crisistijd echt behoefte aan is. Een blik op de bedrijven die aan de beurs zijn genoteerd stemt ook niet al te hoopvol. Er zitten niet echt smaakmakers tussen. DSM en ASML zijn natuurlijk prachtige bedrijven, maar voor de rest: fabrieksvoedsel van Unilever, bier, KPN dat op imploderen staat, olie en gas, en financiële instellingen die zich nog bedienen van een businessmodel uit de vorige eeuw. Nederland lijkt nog niet echt klaar voor de toekomst en de vraag vanuit het buitenland naar Nederlandse producten zal achterblijven, ten eerste omdat de mensen daar veelal, net als hier, geen cent te makken hebben, ten tweede omdat we niet echt dé producten maken waar vraag naar is.

Ontevreden
De opleving in Europa zal dus zeer waarschijnlijk tijdelijk zijn. Dat is dan niet zozeer omdat banken geen krediet geven, zoals Mathijs Bouman woensdag betoogde in het FD. Een bedrijf dat goede winstkansen heeft zal echt wel in staat zijn om financiering te vinden, bij banken of elders. Probleem is meer: 'wij'. We geven te weinig uit. Dat komt door dat gebrek aan vertrouwen, waar goede redenen voor zijn, maar ook omdat veel bedrijven zich nog niet echt aangepast hebben aan de nieuwe, soberder werkelijkheid. Bedrijven maken niet meer echt de dingen waar we behoefte aan hebben, tegen de prijs die we willen betalen. Het is net alsof ondernemers zich nog niet realiseren hoe ontevreden mensen zijn over het huidige aanbod van producten en diensten. Het aanbod moet zich eerst weer plooien naar de vraag.

Nieuw evenwicht
Wat er moet gebeuren is dat de prijzen flink omlaag gaan. Bij een recessie horen nu eenmaal dalende prijzen. Mensen zullen pas weer uitgeven als de prijzen liggen op een niveau dat past bij hun inkomen, dat in het algemeen gesproken al gedaald is in de afgelopen tijd. Lagere prijzen vereist ook lagere lonen, anders worden winstmarges teveel aangetast; ook heel normaal  in een recessie. Lagere lonen maken het ook mogelijk dat werkgevers op termijn weer meer mensen in dienst gaan nemen, waarmee de werkloosheid af kan nemen. Een daling van de lonen wordt nu natuurlijk tegengehouden door de vakbonden. Vakbonden zijn een relikwie uit het verleden, die een grote sta-in-de-weg zijn geworden voor de noodzakelijke structurering van de economie. Ook de salarissen van ambtenaren zullen flink omlaag moeten en het ontslagverbod en alle leuke extra's voor de ambtenaren moeten ook op de helling.

Sprookjes
Een prijs van 600 euro voor een afwasmachine is nu te hoog, om maar een voorbeeld te noemen. Een prijs van 37,50 per persoon voor de Efteling zal niet lang houdbaar blijken, denk ik. Ruim twee euro voor een kopje koffie willen we niet meer betalen. Prijzen moeten een nieuwe evenwicht zoeken. Bedrijven zullen ook weer meer dan voorheen op kwaliteit en dienstverlening moeten gaan letten. We nemen geen genoegen meer met slechte producten en we accepteren het niet meer dat we afgesnauwd worden, bijvoorbeeld in een café, of dat we van het kastje naar de muur worden gestuurd als we een bedrijf bellen. 'Vriendelijk zijn en anders komen we niet meer terug'. We zijn veel veeleisender geworden, en terecht, want de prestaties van veel bedrijven, met name de grote bedrijven, lieten veel te wensen over.

Regionale economie
Voor een deel zullen er daarnaast bedrijven moeten opstaan die komen met nieuwe producten, die meer aansluiten bij de wens van de moderne consument. De aard van de producten die we willen zal veranderen. Back to basic. Het fabrieksvoedsel van Unilever bijvoorbeeld is compleet uit de tijd. De nieuwste attractie van de Efteling hoeft niet hoger en sneller te zijn dan de vorige. Mensen gaan meer waarde hechten aan eenvoudige producten en aan producten die duurzaam geproduceerd zijn. Ook zullen mensen weer een relatie willen opbouwen met de ondernemer, wat makkelijker is als dat een ondernemer uit de buurt is en als het een kleine ondernemer is. Ook bedrijven die nog mega-salarissen betalen zullen genegeerd worden.

Transformatie
Pas dan, als die transformatie naar een ander soort economie zich voltrekt, kan de economie weer echt groeien. Maar dan zijn we hopelijk ook tot het besef gekomen dat die groei er eigenlijk niet zo veel toe doet. Het gaat niet om de vraag of de totale waarde van de goederen en diensten die we met zijn allen produceren nu met 1% toeneemt of afneemt. Het gaat erom dat iedereen een beetje een fatsoenlijke boterham kan verdienen, dat iedereen een beetje leuk en zinvol bezig is, dat we de aarde niet teveel uitputten en dat de menselijke maat in acht wordt genomen. Paradox: de economie zal pas gaan groeien als we tot het besef gekomen zijn dat groei van de economie er niet zoveel toe doet. Ofwel: er is nog een hele lange weg te gaan.

Jurgen Sweegers

Kenniscentrum Geldengroen.net
Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn