Nuon en Essent hadden beter niet verkocht kunnen worden

12 mei 2011 - Ja, het is misschien makkelijk praten achteraf, maar het was beter geweest als Nuon en Essent niet verkocht waren. De Nederlandse gemeenten en provincies, die eigenaar waren, hadden deze bedrijven dan echt aan kunnen gaan sturen en er voor kunnen gaan zorgen dat ze in het belang van de Nederlandse samenleving handelen. Ondertussen hadden ze jaarlijks nog steeds een mooi dividend gehad, terwijl het geld van de verkopen nu staat te verpieteren of wordt verbrast aan al dan niet zinvolle projecten.

Mosterd na de maaltijd
Nu maken de aandeelhouders van Nuon zich druk om het salaris van de topman, dat ineens omhoog is geschoten naar 750.000 euro. In al die jaren dat ze eigenaar waren hebben ze echter niet echt goed invulling gegeven aan hun aandeelhouderschap. Dat was ook de kritiek van ex-minister Brinkhorst van Economische Zaken ten tijde van de gedwongen splitsing. Energiebedrijven waren ondergebracht in structuurvennootschappen, wat de invloed van aandeelhouders minimaliseert, en de directies rommelden maar wat aan, gechargeerd gezegd. Het salaris van de vorige topman was ook wel een issue, maar de aandeelhouders beten niet echt door. Pas de laatste jaren worden aandeelhouders actiever, niet alleen in de private maar ook in de publieke sector. Milljoenensalarissen in de publieke sector worden niet meer geaccepteerd.

Geworteld en gestroomlijnd
Die salarissen zijn natuurlijk een ondergeschikt punt. Waar het echt om gaat is het beleid. Als de provincies en gemeenten nog steeds eigenaar waren geweest hadden ze de directies kunnen vragen, of dwingen, om het beleid heel goed af te stemmen op wat goed is voor Nederland, en de Nederlandse burger. Redelijke prijzen vragen hoort daarbij natuurlijk, en ook een goede klantenservice bieden. Maar daarnaast hadden de bedrijven zich kunnen gaan bezighouden met het opzetten van lokale duurzame energie-initiatieven. En plannen voor de bouw van grote vervuilende centrales hadden naar de prullenbak kunnen worden verwezen. Niet dat er nu niets gebeurt op duurzaam vlak, maar de activiteiten lijken flink te zijn 'gestroomlijnd', om het eufemistisch te zeggen. Veel kleinere projecten die nu worden afgerond zijn al een aantal jaren geleden in gang gezet.

Geen zicht
Dan hadden de gemeenten en provincies nu geen lokale duurzame energiebedrijven hoeven op te zetten, waar ze massaal mee bezig zijn; en hadden ze die projecten onder de vleugels van het moederbedrijf kunnen plaatsen. De financiële risico's waren dan minder geweest. Dan hadden we ook beter zicht gehad op al die andere activiteiten. Nuon en Essent zijn immers nog steeds verantwoordelijk zijn voor een groot deel van de stroomproductie in Nederland en voor veruit het grootste deel van de gas- en stroomlevering aan klanten; en dat zullen ze voorlopig ook blijven. En die activiteiten onttrekken zich nu grotendeels aan het zicht van de Nederlandse overheid en van de Nederlandse burger. En dat is slecht. Ergens in Stockholm of Essen wordt besloten wat de prijzen zijn, of Nederlandse centrales uit of aan gaan, hoe er tegen het overheidsbeleid geschopt gaat worden, en of er nieuwe windmolenparken worden gebouwd. De vraag of beslissingen in het belang van Nederland zijn, lijkt daarbij niet relevant te zijn.

Bevrijding
Aan de andere kant kun je ook zeggen dat júist het afscheid van die grote logge organisaties, de gemeenten en provincies vleugels heeft gegeven. Daardoor waren ze in staat om zich weer te gaan richten op de kerntaak: publieke belangen waarborgen. Net als ze, ten tijde van de elektrificatie en gassificatie van Nederland, begin en midden vorige eeuw, de energievoorziening in eigen hand namen omdat ze zagen dat hiermee publieke belangen werden gewaarborgd. En een wethouder van Meppel stapt nu eenmaal niet zo makkelijk af op de 'grote' baas van Essent in zijn marmeren kantoorpaleis, dus van het opzetten van die lokale initiatieven onder de vleugels van het oude nutsbedrijf was mogelijk niets terecht gekomen. Een bevrijding is het derhalve ook geweest, net als de splitsing van de bedrijven een bevrijding voor de netwerkbeheerders is geweest. Zeker is ook dat de aandeelhouders een goede prijs hebben gekregen en dat is ook mooi meegenomen. Dus het beeld is niet helemaal eenduidig.

Wraak van de bestuursvoorzitters
Wat jammer is, is dat de optie: 'gewoon op eigen kracht verder en inspelen op nieuwe ontwikkelingen' nooit serieus is overwogen. Er leken maar twee opties te zijn een aantal jaren geleden: of een fusie tussen Nuon en Essent, en als dat niet doorging een verkoop aan grote buitenlandse bedrijven. De bedrijven zouden op eigen kracht immers niet overleven op die grote Europese energiemarkt, zo was de gedachte. De bedrijven zouden worden opgeslokt door de grote buitenlandse bedrijven, zo werd gezegd, waarbij vergeten werd dat de directies en de aandeelhouders daar nog altijd zelf bij waren. De NMA stak terecht een stokje voor een fusie, omdat er anders zo goed als een monopolie zou ontstaan, waarna de bedrijven werden verkocht aan de hoogste bieders.

Leugen
De grootste leugen die destijds is verspreid, of misvatting die zich heeft postgevat (om het positief te zeggen), is dat de twee bedrijven in die 'grote Europese energiemarkt' niet zouden kunnen overleven op eigen kracht. Veel kleinere bedrijven die nu actief zijn bewijzen elke dag weer het tegendeel. Het is de directievoorzitters aan te rekenen dat ze zo fanatiek een verkoopstrategie aanhingen nadat de splitsing wel, en de fusie niet doorging. Het leek ook wel een beetje op wraak. 'We krijgen ons zin niet: kijk maar wat er van komt'. Het is de aandeelhouders echter ook aan te rekenen dat ze er in mee zijn gegaan. Maar ik zou ook wel eens willen weten wat de rol van geslepen adviseurs van adviesbureaus is, want daar komen dit soort markt- en management-theorietjes die nergens op gebaseerd zijn maar die wel jarenlang opgeld doen en die heel veel invloed hebben, vandaan.

Jurgen Sweegers

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn