Energiemix II: Duurzame energievoorziening in 2050 lijkt mogelijk, maar er zal keihard voor gevochten moeten worden

26 december 2011 - Shell en Gasterra (ook Shell) maken volop reclame voor gas. Gas zou een schone brandstof zijn. Dat is natuurlijk slechts een deel van de waarheid. Gas is schoner dan kolen, maar viezer dan duurzame vormen van energie-opwekking als grondwarmte, zonne-energie en windenergie. Als we allemaal onze huizen verwarmen met gas daalt de CO2-uitstoot, zo zegt Shell in pagina-grote advertenties. Dit is ronduit misleiding, want in Nederland verwarmen we onze huizen al met gas. Als we allemaal over zouden schakelen van gas naar duurzame energie, dan zou de CO2-uitstoot pas echt dalen. Daarnaast zal het gas in de toekomst niet meer uit Nederland komen, maar uit landen ver weg, vaak met corrupte regimes en dictators aan de macht. Ook om die reden is het dus wenselijk om het gebruik van gas tot een minimum te gaan beperken. Vraag is of dat mogelijk is en binnen welke termijn. Welke energiemix willen we hebben in 2050? We wagen hier een poging om tot een antwoord te komen.

Kiest u maar
Wat zal het zijn in 2050: 10% zon, 20% wind, 30% aardwarmte en 40% bodemenergie? Dit is natuurlijk een slag in de lucht. Hoe tot zinvolle uitspraken over die energiemix te komen? Het lijkt zinvol eerst een grof  onderscheid te maken naar de menselijke activiteiten waarvoor energie nodig is en te gaan kijken wat de beste energiebronnen zijn voor die activiteiten. De activiteiten van de mens waar energieverbruik voor nodig is kunnen worden onderverdeeld in wonen en werken (in kantoren), industrie en vervoer. Ook kan een onderscheid gemaakt worden naar het product: warmte, elektriciteit en mobiliteit.

Radicale decentralisatie
Verduurzaming van het stroomverbruik in woningen en kantoorgebouwen lijkt goed mogelijk. Van belang is dan dat de elektriciteitsvoorziening in vergaande mate wordt gedecentraliseerd. Alle stroom wordt dan zoveel mogelijk lokaal opgewekt en ook de balancering van het net wordt op lokaal niveau geregeld. Een kleine biomassa-centrale of vergistingsinstallatie wordt aan gezet als de zon niet schijnt en de wind niet waait, en als ook de accu's zo goed als leeg zijn. Accu's kunnen bestaan uit batterijen in huis of uit de accu's van de elektrische auto.

Te veel, te dikke kabels
Een grootschalige elektriciteitsvoorziening, Europabreed opgezet, zal waarschijnlijk nooit duurzaam kunnen zijn, ook al is het ongetwijfeld waar dat het altijd wel ergens waait en dat altijd wel ergens de zon schijnt. Dit laatste wordt altijd als argument voor zo'n Europabreed perspectief aangevoerd. De windmolens komen dan op de Noordzee en de energiecentrales in Spanje en Portugal, of zelfs nog verder: de Sahara. Een kansloos perspectief. De kabels zullen te dik worden en er zullen er teveel van moeten worden aangelegd om de stroom overal heen te brengen waar die nodig is.  Dat vervoer van stroom gaat bovendien gepaard met veel verlies. Daarnaast kost de aanleg van al die kabels klauwen vol met geld en is de aanleg van die monsterprojecten vaak ook niet goed voor het milieu. Het totaal aan stroom dat op die manier grootschalig opgewekt wordt zal ook niet voldoende blijken te zijn, ook al staat heel de Noordzee vol met windmolens en Spanje vol met zonne-energie centrales. Er is derhalve backup nodig. Die zou kunnen bestaan uit biomassa-centrales, maar grote biomassa-centrales zijn ook niet erg duurzaam meer, door al het gesleep met biomassa.

Achtervang
De kans is daarbij groot dat de backup uit traditionele gas- of zelfs kolencentrales zal blijven bestaan. Want een energievoorziening die Europabreed is opgezet, is ook een energievoorziening die nog steeds in handen is van grote bedrijven, en die zullen voor de goedkoopste oplossing kiezen, niet voor de duurzaamste. Dat is ook in 2050 mogelijk nog steeds het gebruik van gas of kolen. Een volledig duurzame energiehuishouding blijft daarmee ver buiten bereik. Waterkracht lijkt wel een goede stabiele achtervang te kunnen zijn voor duurzame productie uit de wind en de zon, maar dat geldt dan voornamelijk voor de noordelijke landen en de landen rond de Alpen. Het is niet goed denkbaar dat waterkracht uit Noorwegen gaat zorgen voor balancering van het net in Spanje en Portugal als daar de zon toch weg mocht vallen. Balancering op lokaal niveau lijkt daarom wenselijker. Het zou natuurlijk ook een mix kunnen zijn van grootschalige duurzame energiecentrales en kleinschalige basislastcentrales, maar dat lijkt toch lastig te zijn. Dan zou bijvoorbeeld de plaatselijke biomassa-centrale aanmoeten als het op de Noordzee niet waait enin Spanje de zon het laat afweten.

Autarkie
Radicale decentralisatie lijkt het beste. Gemeenten zouden kunnen streven naar een soort autarkie. De productie moet dan in zo'n gebiedje ongeveer gelijk zijn aan het verbruik en ook moeten er balanceringsmogelijkheden en opslagfaciliteiten zijn. De stroomvoorziening van zo'n gemeente lijkt in dat geval geheel duurzaam te kunnen zijn, inclusief de productie van stroom die nodig is voor de elektrische auto. Ga maar na. Op dit moment is het verbruik van een huishouden 3500 kWh per jaar. Door de elektrische auto verdubbeld dat mogelijk tot 7000 kWh. Stel dat de helft van de mensen zonnepanelen op het dak heeft die 2000 kWh opwekken per jaar dan moet er nog 6000 kWh opgewekt worden per huishouden. Dan zou er per 500 huishoudens een windmolen met een vermogen van een MW moeten worden neergezet. Dit levert zo'n 3000MWh per jaar op, dat is 3 miljoen kWh voor die 500 huishoudens. Dit is dus ongeveer 6000 kWh per huishouden. De molen zal niet heel het jaar door constant produceren, maar bijvoorbeeld gedurende 3000 uur. In die 3000 uur kan de molen dan 1500 huishoudens met 6000 kWh voorzien. De overige tijd van het jaar zullen dan bijvoorbeeld biomassa-verbrandings, of vergistingsinstallaties aan moeten staan.

En de warmte dan?
Die laatste produceren ook warmte, dat is mooi. Want de warmtevoorziening moet ook verduurzaamd worden. Kan dat zonder gas? Zullen we eens gaan rekenen? In de komende 40 jaar zal zo'n 50% van de huizen die er nu staan afgebroken worden en vervangen worden. Nieuwe huizen kunnen makkelijk zo gebouwd worden dat er geen gasvoorziening nodig is. Dat gebeurt ook al veel. Daarvoor kan een warmtenet aangelegd worden maar dat hoeft niet. Liever niet, want het draagvlak voor aansluiting op een warmtenet lijkt snel te eroderen. Warmtenetten hebben geen goede naam meer. Verduurzaming van bestaande woningen zal lastiger blijken te zijn. Dan gaat het dus om woningen die er nu al staan en er over 40 jaar nog staan: de woningen met als bouwjaar 1980 of later. Het lijkt bijna ondoenlijk om in bestaande wijken een warmtenet aan te leggen. Alle straten zouden dan opengebroken moeten worden en alle tuintjes zouden overhoop moeten worden gehaald. Ook binnen in de huizen moet dan veel gedaan worden (vloerverwarming, leidingenwerk). De kosten zullen gigantisch zijn, en waarschijnlijk niet eens op te brengen. En particuliere woningbezitters zullen er weinig voor voelen zich afhankelijk te maken vaneen monopoloïde warmteproducent.

Aan de slag
Individuele verduurzaming lijkt meer kans van slagen te hebben. Woningeigenaren kunnen dan zelf aan de slag gaan om hun warmteproductie te verduurzamen, bijvoorbeeld door de aanleg van warmtepompen, of de installatie van zonneboilers. Misschien zijn er op den duur kleine afvalverbrandings- of vergistingsinstallaties op huishoudschaal op de markt. Die kunnen dan in een hoekje van de tuin worden geplaatst. Zonneboilers lijken een succes te kunnen worden. Die hoef je ook alleen maar op zolder te hangen. Voor de aanleg van warmtepompen zal wat minder enthousiasme zijn. Het makkelijkste is natuurlijk om verduurzaming van de warmte te verplichten; maar op dit moment zou dat niet geaccepteerd worden. Mogelijk in de toekomst wel. Wellicht wordt het over tien of twintig jaar heel normaal gevonden dat mensen verplicht zijn om hun energievoorziening te verduurzamen net zoals het nu min of meer geaccepteerd wordt dat er binnen niet gerookt mag worden. Wellicht komen er nog heel andere technieken op de markt. Conclusie: de energievoorziening voor huishoudens lijkt wel zo goed als geheel verduurzaamd te kunnen worden. Ook met de kantoorgebouwen lijkt dat mogelijk. Oude en nieuwe kantoren kunnen wel relatief makkelijk op een warmtenet worden aangesloten. Ook warmte-Koude opslag is hier een goede optie. De warmte kan dan worden aangevoerd bijvoorbeeld via een aardwarmtebron.

In eigen hand
Blijft over de industrie en vervoer.  Het lijkt niet goed denkbaar dat alle energie die de energie-intensieve industrie nodig heeft duurzaam wordt opgewekt, met name ook omdat de warmte vaak een hoge temperatuur moet hebben. Maar toch. Het is heel goed mogelijk dat de energie-intensieve industrie langzaam uit Nederland verdwijnt, simpelweg omdat de energiekosten elders veel goedkoper zijn. Directeur Hans Grünfeld van Vemw hintte hier laatst op. De teloorgang van aluminiumfabriek Zalco een paar weken geleden is een teken hiervan. Daarnaast kan er veel gedaan worden. Zo is aardwarmte bij uitstek een duurzame energiebron die geschikt is voor de energie-intensieve industrie, bijvoorbeeld voor de papier-industrie. In Renkum gaan ze daar dan ook mee aan de slag. De temperatuur is hoog en omdat de aanleg van een heel warmtenet in dat geval niet nodig is (er is maar één, of enkele, afnemers) vallen de kosten lager uit. Daarnaast is ook te verwachten dat de bedrijven meer en meer de energieproductie in eigen hand gaan nemen. Als de industrie meer en meer overschakelt op de productie van duurzame materialen en producten dan is het ook niet goed denkbaar dat diezelfde industrie voor de productie van de energie die het nodig heeft, gebruik blijft maken van onduurzame bronnen als gas, kolen en olie. Het is van tweeën één.

Waterstof
Transport dan. Het is lastig voor te stellen dat iedereen in 2050 een elektrische auto rijdt, maar het is toch ook niet goed voor te stellen dat er dan nog auto's zijn die voortgedreven worden met louter benzine of diesel. Een deel zal mogelijk elektrisch zijn en een deel zal mogelijk hybride zijn waarbij het gebruik van vervuilende brandstoffen tot een minimum beperkt blijft. En er is nog waterstof. Het is tegenwoordig enigszins mode om af te geven op waterstof, want het moet eerst gemaakt worden en dat kost heel veel energie, bladibla, maar de waterstof-auto met brandstofcel heeft wel degelijk veel potentie. Met name omdat die zo goed te combineren is met duurzame productie uit wind en de zon. Op het moment dat de stroom van windmolens en zonne-energie centrales niet nodig is kan er waterstof van gemaakt worden, die later in de auto gaat. Nieuwe bedrijven kunnen opstaan die duurzame waterstof gaan maken voor autorijders en die autorijders weten op die manier ook echt zeker dat ze duurzaam rijden (in tegenstelling tot de rijders van elektrische auto's). Zo bezien is waterstof een mooie vorm van opslag van stroom, net als batterijen. En wellicht zijn er tegen die tijd nog talrijke nieuwe duurzame vormen van vervoer, waar we nu nog niet eens van kunnen dromen. Verduurzaming van vliegverkeer lijkt daarentegen een flink aantal stappen verder weg, helemaal gezien het vervelende karakter van de sector. Voldoende biokerosine om alle vliegtuigen op te laten vliegen zal er voorlopig niet gemaakt worden.

Niet luisteren naar Shell
Toch is de conclusie wel gerechtvaardigd, op basis van dit kort exposé, dat een duurzame energievoorziening in 2050 mogelijk moet zijn. Het gebruik van gas is dan minimaal geworden, hoewel wellicht nog niet helemaal verdwenen. De bedrijven die zich bezighouden met de productie van vervuilende warmte, brandstoffen voor de auto of elektriciteit zullen dan verdwenen zijn, zodat we over 50 jaar geen last meer hebben van misleidende verkooppraatjes van bedrijven als Shell. Die zullen dan hoogstens de energievoorziening mogen verzorgen in obscure staten als Kazachstan en Nigeria, waarbij ze een flink deel van de poen zullen moeten afstaan aan de corrupte regimes die daar dan aan de macht zijn. Een soort maffia-achtige status is al wat er voor hen rest. Sommige grote bedrijven zullen het loodje leggen; anderen zullen op tijd over schakelen, bijvoorbeeld door zich toe te gaan leggen op de duurzame productie van waterstof. Je kan wel heel hard blijven roepen dat de vieze dingen die je doet schoon zijn, zoals Shell en Gasterra doen, maar je kunt beter echt schone dingen gaan doen, dat communiceert toch net even wat lekkerder.

Je kan wel heel hard blijven roepen dat de vieze dingen die je doet schoon zijn, zoals Shell en Gasterra doen, maar je kunt beter echt schone dingen gaan doen, dat communiceert toch net even wat lekkerder

Mix-up
Maar het hoeft niet zo te lopen. Het kán, maar het zal niet noodzakelijkerwijs werkelijkheid worden. Mensen als Jan Rotmans, hoogleraar duurzame energie in Rotterdam, en Diederik Samsom wekken de indruk dat de komst van een duurzame energievoorziening een zekere zaak is. Dat werkt inspirerend, maar toch waag ik dit te betwijfelen. Het is niet uitgesloten dat we terugvallen in een oude fossiele energiehuishouding, net zo min als een nieuwe wereldoorlog uitgesloten is, hoezeer we dat met zijn allen ook níet willen. De belangen van de grote fossiele bedrijven zijn gigantisch, en die hebben marketingbudgetten waar de complete bevolking van een arm land een jaar van zou kunnen eten, wat op zichzelf al pervers is. Mensen en vooral politici moeten de praatjes van Shell en Gasterra als verkooppraatjes leren herkennen, en dat is niet makkelijk want deze bedrijven zijn meester in het verdraaien van de werkelijkheid; zodanig dat het lijkt dat wat in hun eigen belang is, in het algemeen belang is. Daarnaast zijn er veel baantjes te vergeven door deze bedrijven (er wordt weer een nieuwe topman van Delta gezocht), kunnen media soms (of vaak?) niet al te kritisch zijn vanwege de afhankelijkheid van de advertentie-inkomsten, en is ook de Nederlandse staat voor het op orde houden van de begroting nog in hoge mate afhankelijk van de opbrengsten van gasverkopen. Het zal niet vanzelf gaan. Er zullen keiharde keuzes gemaakt moeten worden, die tegen gevestigde belangen ingaan.

Dit artikel maakt onderdeel uit van een reeks over de Energiemix in 2050. Een eerder artikel hierover was: ENERGIEMIX I: Gas en kolen kunnen het beste gezien worden als sluitpost van de energiebegroting

Copyright © Geldengroen.net

Deel dit artikel

Submit to FacebookSubmit to TwitterSubmit to LinkedIn